Beelden 1#2016

Redactioneel 

De aandacht voor (de veranderende rol van) de kunstkritiek lijkt zeer actueel als je kijkt naar hoeveel instituties er de laatste tijd aandacht aan besteden. Niet vreemd natuurlijk in deze tijd waarin een aantal kunstbladen het loodje hebben gelegd en dag- en opiniebladen minder aandacht aan kunstkritiek besteden. De kunstkritiek dient haar rol te heroverwegen in dit tijdperk. De AICA, de internationale vereniging van kunstcritici, hield op 22 januari jl. in het Stedelijk Museum in Amsterdam het symposium Het Nieuwe Netwerk over netwerken in de digitale ruimte ten aanzien van kunst en kunstkritiek. Vragen over de status en veranderende wijze van communicatie in het digitale tijdperk kwamen aan de orde. Een van de sprekers was Thijs Lijster. Hij is ook een van de vier schrijvers van Spaces for Criticism. Deze essaybundel gaat over de toekomst van kunstkritiek in het digitale tijdperk en onderzoekt nieuwe manieren en plaatsen waar kunstcritici de dialoog aan kunnen gaan met het publiek. Je kunt een bespreking van deze bundel lezen in onze boekenrubriek. Lees meer...

Kunst in de provincie: Zuid Holland

Zuid Holland is een van de dichtstbevolkte provincies in Nederland, wat het kunstaanbod absoluut ten goede komt. Een provincie met uitstekende musea voor hedendaagse kunst in Den Haag, Rotterdam en daaromheen een fijnmazig netwerk van kunstenaarsinitiatieven, tentoonstellingsruimtes en particuliere initiatieven. Dit netwerk wordt in dit artikel belicht, waarbij de grote musea vanwege ruimtegebrek overgeslagen worden. De volgende instellingen komen aan bod: Lief hertje en de Grote Witte Reus, Nest, 38cc, Phoebus, RAM, Garage Rotterdam, Showroom Mama, DordtYart, De Ketelfactory en het Stedelijk Museum Schiedam.

Cross-overs in de kunst: Mark Bischof

Kunstenaars die de gebaande paden verlaten en het avontuur aangaan, ontwikkelen vaak spannende cross-overs. Door zich op een totaal ander medium te richten dan waartoe ze zijn opgeleid of door een bijzondere mix van media toe te passen, krijgt hun werk een nieuwe dimensie. De in Duisburg geboren Mark Bischof kreeg zijn vervolgopleiding tot cellist aan het Conservatorium in Amsterdam. Al snel werkte hij in het professionele circuit voor musici. Tegelijkertijd begon hij kinetische installaties te ontwerpen. Uiteindelijk gaf hij de brui aan zijn uitvoerende muziekpraktijk en sindsdien besteedt hij zijn tijd aan het ontwerpen en uitvoeren van installaties waarin rollende glazen kogels de hoofdrol vervullen.

De Loop der Dingen

In de expositie De Loop der Dingen in Kunsthal KAdE te Amersfoort is de combinatie van kunst-wetenschap-mechanica en ambachtelijkheid en misschien wel het meest van alles, heel veel geduld waardoor dingen als in een kettingreactie in beweging komen en er iets nieuws en soms onverwachts gebeurt. In het ene deel van de expositie; het door mensenbrein en -hand in gang gezette proces van beweging en verandering die schijnbaar tot niets leidt maar ons wel confronteert met de herhaalde vraag “wat heb je tot nu toe van je leven gemaakt, heeft het ook maar iemand of iets ergens gebracht?” In het andere deel van de expositie wordt gerefereerd aan de verandering waar we helemaal niets aan kunnen doen – de onvermijdelijke loop van het leven en de aftakeling daarvan – tot zelfs na de dood.

Haar

De tentoonstelling Haar heeft iets ongemakkelijks. Eerst en vooral voel je dat haar eigenlijk iets heel intiems is. Liever weet ik niet dat bepaalde stoffen, sieraden, ornamenten en beelden daarvan gemaakt zijn. Liever zie ik geen verwijzingen naar de lichamen waarvan het haar afkomstig is in de verwerkingen in de mode, fotografie of performance. Het rouwsieraad is de enige uitzondering daarop, simpel omdat de drager expressie geeft aan een diepere band met de mens waarop het haar groeide, is het object voor mij okay. Vies of lekker; het is allemaal cultuur. Haar in de wastafel wordt walgelijk gevonden, dat in het doucheputje doet mensen gruwen. Op het hoofd kan het niet mooi genoeg gecultiveerd worden, maar elders? Tegenwoordig zitten zelfs mannen al driftig te waxen.  Het knippen en scheren is niet van de lucht. Het is cultuur, en ik ben er deel van.

Jeroen Kooijmans

Bij de opening van het videodrieluik The Fish Pond Song in het Stedelijk Museum in ‘s Hertogenbosch  verplaatst kunstenaar Jeroen Kooijmans zich op krukken. Hij is van het dak van de kerktoren in zijn installatie gevallen en brak zijn knie, kneusde polsen en ribben. Het kerkje dat samen met de drie huizen het decor vormt van The Lost Army in de eerste zaal is weliswaar slechts vier meter hoog maar als je dat op zondagmorgen beklimt straft God meteen. Veel hoger waren de Twin Towers in New York waar Kooijmans als ‘artist in residence’ vanuit zijn appartement op uitkeek bij het startschot van wat door toenmalig president George Bush de ‘War on Terror’ werd genoemd. Op 9 september 2001 baanden zich een handvol diepgelovige moslimstrijders via een wereldstad een weg naar het paradijs. Daarmee zetten zij niet alleen de wereld volledig op zijn kop maar ook het leven  van Jeroen Kooijmans. Zijn voorstel om hangende tuinen te realiseren tussen de twee torens van het WTC waarmee hij was toegelaten tot het PS1-programma van het MoMA in New York en waaraan hij net was begonnen kon linea recta de prullenbak in. In de loop van tien jaar filmen, transformeert de nood in een deugd en ontstaat een miraculeus en betoverend Gesamtkunstwerk, een episch videodrieluik met 24 films in een magistrale installatie vol bedreiging, verdoemenis en tenslotte verlossing.

Hacking Habitat

Vandaag schieten drones, als in een videogame, ergens op de wereld raketten rond. Geavanceerde, digitale systemen verzamelen data, bepalen wat wij zien en te horen krijgen en weten veel meer over u of mij dan u voor mogelijk zou houden. Satellieten, GPS-systemen, slimme telefoons, creditcards en computers worden ingezet om data te verzamelen - zogenaamd voor uw veiligheid, maar het zijn de private bedrijven, multinationals die willen weten waar u bent en waarom, wat u doet en wat u koopt. Barbara Kruger maakte in 1987 al haar statement: “I shop therefore I am”. De essentie van het leven vindt u in de supermarkt. In deze verwarrende, onzichtbare wereld is er dan ook nog de zichtbare beeldende kunst. In de oude voormalige gevangenis in Utrecht is de grote internationale tentoonstelling Hacking Habitat geopend. Ruim 85 kunstenaars zoeken, wroeten en analyseren; hoe verhouden complexe digitale technologische systemen zich tot de menselijke maat? Welke rol speelt de kunst?

Roni Horn

Reflecties in portretten, woorden en sculpturen, dat lijkt de kern te zijn van het werk van Roni Horn. Deze New Yorkse kunstenares is nu voor de tweede maal in Museum De Pont. Volgens museumdirecteur Hendrik Driessen onderhoudt De Pont goede relaties met zijn kunstenaars en probeert dit museum ook om de kunstenaars trouw te volgen. Horn is een van hen. In 1994 werd haar werk voor het eerst tentoongesteld in Tilburg. Pair Field bestond destijds uit objecten van massief koper en roestvrij staal. Het werd als ‘minimal art’ omschreven. Geldt minimalisme ook voor haar huidige werk? Wat is er constant gebleven, wat veranderd?

Ryan Gander

Volgens Chris Dercon, directeur van de Tate Modern in Londen, is Ryan Gander dé serendipity-specialist der kunsten. Volgens deze Brit is alles met elkaar geconnecteerd en vind je (in het leven en de kunst) telkens datgene waarnaar je niet op zoek bent. Hij legt zichzelf tevens enkele regels op zoals ‘Do something that is the last thing is you should do’, of ‘Do something others don’t do, of ‘Open yourself, be curious. Touch it all’. De naam Ryan Gander laat misschien een belletje rinkelen bij frequente Documenta en Biënnale bezoekers, want zijn werk werd al getoond in Kassel en Venetië. Daarnaast heeft hij iets met Nederland, hij koos er immers voor zowel de Rijksacademie in Amsterdam als de Jan van Eyck in Maastricht aan te doen.

Grayson Perry

Op een van de grote wandtapijten in de laatste zaal van het Bonnefantenmuseum vluchten een hedendaagse Adam en Eva uit het paradijs. Zij, net zo angstig en aangedaan als haar voorbeeld geschilderd door Masaccio, hij in een heel wat minder macho versie dan die in de Brancacci kapel. In plaats van schaamte en schuldgevoel om Eva’s pijn, maakt de Adam van nu zich meer zorgen om zijn laptop en iPhone - van Apple, als verwijzing naar de zondeval – die hij stevig in z’n armen klemt. Maar ze rennen net zo hard voor hun leven als hun alterego’s uit de vroegrenaissance in Florence.

Nicholas Hlobo

De eerste solotentoonstelling van de Zuid-Afrikaanse kunstenaar Nicholas Hlobo opende februari in Museum Beelden aan Zee. IsiXhosa, de titel van de tentoonstelling betekent ‘Melodieën van Geschiedenis’. Anders dan wat het publiek misschien verwacht naar aanleiding van deze titel schuurt de tentoonstelling alleen rakelings voorbij de grotere geschiedenis van Zuid-Afrika en het Xhosa volk. Het gaat bij Hlobo vooral om zijn persoonlijke geschiedenis als homoseksuele man binnen een complexe samenleving. In een poging om zichzelf staande te houden, vertelt hij zo eerlijk mogelijk verschillende verhalen in beelden en installaties, vervaardigd uit rubber en satijnen linten.

Silence out loud

Tentoonstellingen bekijken van overleden curatoren legt onbedoeld een extra laag over een tentoonstelling. Ik herinner me nog de tentoonstelling Visionair België in Brussel van Harald Szeemann in 2005 en de tentoonstelling De Zee – Salut d’honneur Jan Hoet in Oostende in 2014. Dat waren mannen van de kunst en zij hadden hun sporen daarin verdiend. Joost Zwagerman daarentegen was meer een literair multi-talent met een liefde voor kunst. Hij schreef daarover o.a. in de Volkskrant en NRC regelmatig stukken. Van daaruit mocht hij dit jaar in Kranenburgh in Bergen een tentoonstelling maken. Voor de opening overleed hij onvoorzien.

Hans van Houwelingen

Het Nijenhuis te Heino, onderdeel van museum de Fundatie, was decennia het woonhuis van grondlegger Dirk Hannema, waar hij zijn omvangrijke en veelzijdige verzameling had ondergebracht. Na zijn dood in 1984 bleef de inrichting lange tijd ongewijzigd, totdat de vorige directeur besloot die status quo te doorbreken. Deze nogal brute inbreuk op Hannama’s erfenis deed toen veel wenkbrauwen fronzen. In retrospectief is het een gelukkige keuze geweest. Het hermetische karakter van de inrichting werd doorbroken, terwijl de sfeer van de verzamelaarswoning behouden bleef. Bovendien was er nu ook ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen in het hoofdgebouw, waar die voorheen beperkt bleven tot de bouwhuizen op het voorterrein. Dat nieuwe perspectief gaf meer vrijheid en leidde tot spannende en indringende confrontaties met Hannema’s kerncollectie, die in zijn eclectische grilligheid daar genoeg aanleiding toe geeft. Confrontaties die anders nooit zouden zijn gerealiseerd. Ik noem alleen maar de ingrepen van Jan Fabre en David Bade in het verleden. De huidige directeur, Ralph Keuning, heeft dit keer Hans van Houwelingen gevraagd te reageren op de collectie. 

Kunstpark Soestdijk

Nog steeds is niet duidelijk wat de definitieve bestemming wordt van Paleis Soestdijk en het Engelse landschapspark daaromheen. Van deze interim-periode wordt dankbaar gebruik gemaakt om tijdelijke kunstprojecten op te zetten. Zo vormde vorig jaar zomer het paleis en de parktuin het decor van speciaal voor deze omgeving gemaakte beelden en installaties; Palace in Wonderland (Zie Beeldenmagazine 3#2015). De toen twaalf gepresenteerde werken waren een feest voor het oog en van de verbeelding. Dit voorjaar is er een presentatie onder de titel Kunstpark Soestdijk. Ambitieus en anders.

Old & New

De sculptuur Frozen Lightning uit 1992 van Jan van Munster is een van de prominent aanwezige werken in de tentoonstelling Sculpture: Old & New bij Art Affairs in Amsterdam. Een glinsterend witte staaf op een zwarte compressor combineert esthetiek met een natuurkundig proces. Dit proces zorgt ervoor dat een gladde zwarte staaf transformeert in een 1.80 meter lange spierwitte en fonkelende lijn met ijskristallen die verticaal de ruimte in priemt. De sculptuur is er een uit een reeks van warmte-koude objecten uit de jaren 90, zoals de Studie voor de perfecte sneeuwbal, Onderkoeld en Noli me tangere (Raak me niet aan), waarin energie aan de orde wordt gesteld. Hoewel de neiging tot aanraken zich opdringt, schept de strengheid van het object afstand en verbod tot aanraken. Tot de nieuwe werken behoort een kleine Brainwave (2015) in een houten kastje. Brainwaves zijn uitvergrote weergaven van een gedeelte van een uitdraai van een EEG waarop de hersenactiviteit van de kunstenaar is geregistreerd. Veel van de brainwaves zijn uitgevoerd in neon, maar ook – zoals in de tentoonstelling – in andere materialen. In dit werk hangt een licht metalen draad aan een magneet. Ook in deze werken wordt een esthetische vormentaal gekoppeld aan een taal uit de medische sector zodat uiteindelijk de energie van de kunstenaar zichtbaar wordt gemaakt.

Niko de Wit

Er zijn plaatsen waar je niet snel vrijwillig naartoe gaat, al is het maar omdat het centrum geheel van suffe nieuwbouw en bekende winkels aan elkaar hangt en ook nog eens de naam citycentrum draagt. In Veldhoven echter, is bij het gemeentehuis een omvangrijke tentoonstelling te zien van Niko de Wit. Locatie en titel kunnen je aardig op het verkeerde been zetten. In een vitrine staat een schijfachtig vormpje, strak geometrisch vormgegeven in glanzend brons. Aan beiden zijden bevindt zich een diepe sleuf waardoor in het midden een kleine opening ontstaat. Ik raak geïntrigeerd door het spel met licht en de verhoudingen van de afzonderlijke vlakken, de steeds veranderende waarneming. Het is een van de penningen die Niko De Wit sinds 1984 vervaardigt. Je zou het bijvangst kunnen noemen, maar bovengenoemde penning uit 2010 draagt de naam Perspectief en dat geeft kernachtig aan waar het om gaat. Dat wil zeggen, uitgaand van de beschouwer. Wie zo’n penning in de hand mag houden zal niet snel uitgekeken raken. Dat klinkt als vanzelfsprekend, maar veel beelden van De Wit, die op zijn 16de besloot ‘fulltime kunstenaar’ te worden, lijken in eerste instantie helemaal niet voor de beschouwer te zijn gemaakt. Ze zijn eerder een gestold moment in een voortdurende ontdekkingstocht naar vormen en verhoudingen, omkeringen, verdraaiingen, spiegelingen, herhalingen en al die principes die je in het grote vormgevershandboek kunt vinden. Evenwicht is daarbij niet alleen fysiek, maar zeker ook visueel, een vaste, haast voelbare constante. 

Theo Jansen

Vanaf 1990 maakt Theo Jansen strandbeesten die hij uittest op het strand van Scheveningen. Eigenlijk is zijn hele oeuvre ‘Work in Progress’ tot het ultieme volmaakte strandbeest. In Heden in Den Haag is nu een tentoonstelling van zijn tekeningen en schetsen te zien. Natuurlijk staat er ook een strandbeeld parmantig de aandacht op te eisen, te midden van de tekeningen. Het is een monumentaal en grappig object dat kleine bewegingen maakt met zijn lijf maar zijn neus met grote zwaaien heen en weer beweegt; kijk mij nu staan. Ze zijn imposant de beesten. Ze bewegen zich voort, maar planten zich niet voort. Toch zie je wel evolutie. Ze worden geboren en gekweekt op papier door Jansen zelf. In het najaar begint hij aan een nieuw beest waaraan hij in de winter werkt en in de zomer gaan ze het strand op en experimenteert hij ermee. Hij zoekt naar zwakke plekken om ervan te leren en zo het volgende beest te vervolmaken. In dit opzicht wordt ieder beest een verbeterde versie van het voorgaande beest. Ze hebben een bepaalde levenscyclus en als een beest daadwerkelijk strandt op het strand, noemt Jansen de restanten fossielen.

Het atelier: Justin Prang

De kunstenaar in het atelier vormt van oudsher een tot de verbeelding sprekend thema. Het ligt in de aard van het kunstwerk besloten de nieuwsgierigheid van de kijker te prikkelen. Eenmaal geprikkeld laat de drang om begrip te verwerven zich echter nauwelijks begrenzen. Zo verplaatst het focuspunt van de aandacht zich van het kunstwerk naar de maker ervan. En daar het tamelijk moeilijk is de ander rechtstreeks in het hoofd te kijken, richt de aandacht zich vervolgens op het atelier. Via deze omtrekkende beweging, die een kijkje in de keuken van de kunst heet te geven, proberen we dieper door te dringen in de betekenissen van het kunstwerk. Maar hoe verhoudt de kunstenaar zich zelf tot zijn werkomgeving? Een ontmoeting met Justin Prang in diens werkruimte in Arnhem.

Arne Quinze en Claudia Wissman

In januari opende de nieuwbouw van het Medisch Spectrum Twente haar deuren: een groot en goed geoutilleerd ziekenhuis midden in de stad Enschede. De meeste ziekenhuizen van een dergelijke omvang staan juist in de periferie; denk bijvoorbeeld aan Maastricht, Amsterdam en Utrecht. Ondanks de evidente problemen die alles te maken hebben met verkeersstromen en bereikbaarheid koos men in Twente toch bewust voor een locatie in het hart van de stad. De toegangswegen vanuit het centrum en vanuit de ondergrondse parkeergarage worden gemarkeerd en geaccentueerd door twee kunstenaars van naam. Arne Quinze ontwierp een lint van sprookjesachtige ‘bomen’ van staal die de bezoeker naar de hoofdingang leiden, terwijl het lichtkunstwerk van Claudia Wissman de ondergrondse reis vanuit de parkeergarage over een zogenaamd ‘tapis roulant’ letterlijk lichter probeert te maken.

Henck van Dijck

Spanning en sensatie! Wat gebeurde er in 2010? De N207 is geen Amerikaanse Highway van 4.000 kilometers lengte waar je dagen niemand tegenkomt maar op deze provinciale weg heeft de grootste bronsroof plaatsgevonden. Op een nacht is het niemand opgevallen dat mannen met een oplegger, half op de 2-baansweg, enige tijd met groot materieel bezig waren grote zware, bronzen elementen van hun fundering te verwijderen. En dat in de tijd van bewakingscamera’s en 24/24 auto’s op de weg. Is dit niet een vreemde zaak? Is er wel goed speurwerk gedaan naar een verhuurbedrijf van groot materiaal en bronsgieterijen/-smelterijen. Niets is teruggevonden. Het restant van dit kunstwerk Debet & Credit van Henck van Dijck werd op 17 december 2010 verwijderd en veilig opgeslagen.

Ram Katzir en Hertog Nadler

Zwolle was enkele decennia geleden nog een bedaagde provincieplaats waarin zelden het voortouw werd genomen. Inmiddels ontwikkelt de stad zich steeds meer als een scharnierpunt tussen Noord-, Oost- en West-Nederland. Dat komt onder meer tot uitdrukking in het intensiverende (trein)verkeer. Inmiddels is station Zwolle uitgegroeid tot één van de drukste knooppunten van Nederland. Uit de honderd reacties die de Commissie Beeldende Kunst op de daarvoor uitgeschreven prijsvraag kreeg, werd het voorstel van Ram Katzir en Hertog Nadler gekozen. Met Portal presenteren zij een multidisciplinair geheel. Het bestaat uit de Tijdtunnel, de Blauwe lijn, Swol, een site specific installatie, een Stadszegel en twee zogenaamde Audioscopen. In hun project proberen ze op een eigentijdse wijze heden, verleden en toekomst te verbinden, waarbij het dagelijks leven en de verbeelding versmelten. Zij maken daarbij dankbaar gebruik van de rijke geschiedenis van Zwolle, die – afhankelijk van de definiëring – terug te voeren is tot de prehistorie.

 

 

Comments