A Provisional Legacy

A Provisional Legacy 
The Apocryphal Cabinet of the Adornes

 
Een apocrief kabinet, met een samengebracht geheel van kunst en dingen, een dialoog van mogelijkheden als draagvorm voor dagdromen, illusies, het ervaren van schoonheid en een aftasten van het onbekende. Een verwarring tussen gisteren en morgen’ zegt de muurquote tegen de bezoeker. Beter kan ondergetekende het niet verwoorden. Welkom in de wondere wereld van de Ardornes. Uw gastheer en gastvrouw zijn het kunstenaars- en curatorenduo Reniere&Depla.
 
Door Hilde Van Canneyt
 
Brugge. Een stad die je doet wegdromen naar de middeleeuwen. 
Als je er door de straten loopt, voel je en ruik je geschiedenis, hoor je zelfs het verleden wanneer een paardenkoets ratelt op de keien. De typische Brugse huizen doen je mijmeren naar lang vervlogen tijden. Zo’n huis - of  beter gezegd domein - is het Adornesdomein. Een herenwoning, een kapel en zes godshuisjes rijk. Een privé middeleeuws landgoed op wandelafstand van hartje Brugge. 
Denk 1429. De Italiaanse familie Adornes strijkt neer in Vlaanderen. Niet veel later kunnen ze zich al Brugse aristocratie noemen. En als we even ‘rewinden’: Het hele domein is al 17 keer overgedragen aan een volgende generatie, vandaag zijn dit graaf en gravin Maximilien de Limburg Stirum. Genereus en met graagte zetten de trotse bezitters van het domein hun erfgoed open. Cultuur en erfgoed liggen hen nauw aan het hart, alsook kunst. Het verzamelen stroomt al eeuwenlang door hun aderen. En wordt van generatie op generatie doorgegeven. Voorouder Anselm Adornes bezat zelfs twee schilderijen van onze bekendste Belgische Vlaamse Meester: Jan Van Eyck. (Trouwens, in 2020 toont het Museum voor Schone Kunsten in Gent, de grootste expo van Van Eyck ooit met meer dan 100 topstukken.) Ook mindere goden werden verzameld, en stukken werden ingeruild voor andere. “Zo’n altijd wijzigende verzameling weerspiegelt de vergankelijke en kwetsbare aard van de dingen, maar ook de evoluerende nieuwsgierigheid en interesse. Modes en smaken veranderen”, aldus de gravin. Vandaar dat ze dit uniek, historisch en origineel platform willen aanbieden aan hedendaagse kunstenaars. 
Al deze elementen zweven eveneens in de passiesfeer van het kunstenaarskoppel Reniere&Depla. Zij zijn vooral gekend om hun fragiele schilderijen in getemperde kleuren en glacistechniek. Ze delen lief en leed én met een dubbel paar handen werken ze al meer dan twintig jaar als duo. Ze maken tijdloze werken die esthetisch verhuld zijn. Ook zij proberen het afwezige, aanwezig te maken alsof je de laatste mooie dagen van iets beleeft. Hoe ze kijken, is belangrijker dan hoe ze samen werken. Ook in hun curatoriële praktijk. 
Sinds enkele jaren hebben ze een atelier in de stad Autun in het Franse Bourgondië. Door het stadsbestuur en het Musée Rolin werden ze in 2018  gevraagd om een verbinding te zoeken tussen hedendaagse kunst en het intense verleden hun patrimonium. Ze kozen ervoor om in een tentoonstellingsproject een selectie van vooral Belgische kunstenaars op de Franse kaart te zetten: Ce qui pèse et ce qui nourrit. In het voorjaar 2020 is er een tweede versie Art Autun #2020, Rien ne se perd,rien ne se crée, tout se transforme gepland in het Musée Rolin en het Panopticon, een unieke historische circulaire gevangenis.
 
Wunderkammer

Deze succesrijke kunstbiënnale Art Autun kwam ook ter ore en ooge van de graaf en gravin. Ze bezochten de kunstroute en zo kwam ook het idee voor een Brugse expo A Provisional Legacy - The Apocryphal Cabinet of the Adornes. Met het Adornesdomein als perfecte locatie en inspiratie om een boeiende expo te maken. Curatoren Reniere&Depla lieten zich inspireren door de eeuwenlange familiegeschiedenis met hun credo ‘Delen om levend te maken – Levend maken om te bewaren’. Zo kwamen ze op het idee om de tentoonstelling op te stellen als een apocrief – ‘geheim’ kabinet van de familie Adornes. Stel je voor: een denkbeeldige ‘Wunderkammer’ met curiosa, naturalia en kunst, ontstaan uit een verzamelwoede en pronkzucht. Denk aan Gallo-Romeinse  en Egyptische artefacten en 15e eeuwse Venetiaanse sculpturen. Maar bereid je ook voor op mammoettanden, dinosauruseieren, fossielen of een opgezet dier al dan niet onder een stolp - geconfronteerd met moderne en hedendaagse kunst uit collecties. Uit het Musée Rolin Autun bracht het curatorsduo een Gallo-Romeins beeld mee uit de 2e eeuw. Ook een Romeinse kop kijkt je enigszins glimlachend aan en een vijftiende eeuwse Christus straalt een vreemde sensualiteit uit. 
De curatoren ontwikkelden een expo-concept waar ze de kijker buiten de tijd wilden laten bewegen, en waar verleden en heden een interessante handdruk nalaten en nieuwe betekenissen worden gesmeed. Zowel sculptuur, schilderkunst, tekeningen als fotografie zijn hier welkom. 
 
Kapel & crypte


Sofie Muller, bekend om haar albasten gekwetste portretten, heeft de eer om met haar AL/LXXIII/18  - een wit albasten hoofd met blauwe kobalthals - alleen over de Jerusalemkapel te heersen. Ze gaat er in dialoog met de 15de eeuwse zwarte graftombe van Anselm Adornes en zijn echtgenote, het morbide altaarstuk gehouwen in zwarte Doornikse steen, alsook met de uitzonderijke architectuur van deze plek. La Condition Humaine, het steeds wederkerende terugkomende thema in Mullers werk, weergalmt hier als geen ander en is terug te vinden in de historische stukken van de prachtige kapel. Deze kunstenares zegent als een gevoelige priesteres het huwelijk tussen een oude en een nieuwe ziel, hand in hand zwevend door deze ruimte. Ze draagt alle relikwieën waardig op haar schouders. 
In de crypte van de kapel mag Jan Vanriet met zijn verbeelding van ‘de dood van Christus’ de kelder oplichten. Zijn Three Nails - de drie nagels waarmee Christus’ lichaam aan het kruis werd genageld - past perfect in deze setting. Vanriet is een Antwerps schilder en dichter die zijn eerste expo had in de beruchte Zwarte Panter in Antwerpen. In zijn werk vinden we connotaties naar zijn persoonlijk leven en de ‘condition humaine’ tout court. Dat er soms een vleug melancholie tot zelfs tristesse inzit, is een understatement. De menselijke gebreken en de onvatbare tijd zijn z’n stokpaardjes. 
Als we de binnenkoer oversteken naar de heuse herenwoning, komen we terecht in het kabinet dat Reniere&Depla met veel finesse hebben ingericht. Hoewel de twee ruimtes overvol hangen - denk aan de typische kunst - en rariteitenkabinetten uit de 16e, 17e en 18e eeuw - wordt de ruimte toch niet volledig opgeslorpt, omdat de gekozen abstracte en figuratieve schilderijen een sober evenwichtig kleurenpalet in zich dragen. Denk: naakten, gezichten, bloemen. Bij het lezen van de expotekst, blijkt dat - hoe kan het ook anders - een bewuste keuze. ‘De mensheid wordt gekweld door altijd dezelfde geheimen: het leven, de dood, het verdwijnen van de lichamen, de wonderen van de natuur en de herinnering’. 
 
Het kabinet


Nick Ervinck - vermaard om zijn fel gele sculpturen in allerhande vormen, veelal gemaakt in 3D prints - toont hier zijn kleine sculptuur Archisculpt en enkele oudere werken. Alsof hij de Wunderkammer in de toekomst binnenbrengt. Zijn kronkelende vormen zijn initieel geïnspireerd door moderne beeldhouwers zoals Henry Moore, Hans Arp en Barbara Hepworth. Zijn objecten zijn vormelijke en inhoudelijke kruisbestuivingen allerhande. Van Thomas Lerooy zijn we fan van zijn imposante bronzen sculpturen die refereren aan de klassieke beeldhouwkunst. De kunstenaar choqueert en imponeert door de eigenheid van de humor en het surrealistische in zijn werk. Hier komt hij in tegenstelling, teder aankloppen met o.a. een fragiel vogeltje op papier. Zijn thema: dood en vergankelijkheid.
Van onze Mechelse trots, beeldhouwer en schilder Rik Wouters (1881-1916), is bekend dat hij tijdens de oorlogsjaren geïnterneerd werd in het neutrale Nederland en kort daarna in Amsterdam op 34-jarige leeftijd stierf en er ook zijn eerste museumtentoonstelling in het Rijksmuseum kreeg. Op deze expo zien we ondermeer een inkttekening van zijn vrouw en bekende muze Nel. Zijn vriend was expressionistisch kunstschilder en graficus Edgard Tytgat (1879-1957). Hij werd vooral bekend door zijn fauvistische stijl. Zijn favoriete onderwerpen waren kermissen, circussen en naakten. In deze expo ontdekken we enkele prikkelende inkttekeningen en linosnedes. Beeldhouwer/keramist Lucien De Gheus (1927-2013) was bekend door zijn narratieve keramische bas-reliëfs met speelse motieven. Hier is hij aanwezig met sculpturen in keramiek en onderandere een tweetal subtiele erotische tekeningen.
Arpaïs Dubois werkt al twintig jaar onophoudelijk in haar tientallen schetsboeken. Ze vormen momenten van rust en ontluiken. Bij ons wekken ze gevoelens van melancholie versus hoop op. De schildertoetsen in combinatie met de geschreven woorden hebben een uitkomst waar je je fijn in kan vermeien. In de kleine schilderijen van Koen Broucke tref je altijd sporen van de geschiedenis aan. Zijn onderzoek in kunst en historiek vormen zijn plastische slagader. Zo maakte hij een reeks rond slagvelden. Zijn werk is te herkennen aan de ‘color purple’: wat wordt zichtbaar en gebeurt er áchter de schemering, tijdens ‘l’heure bleu’?
Het grootste en grootse werk in dit kabinet is van Cindy Wright. Met Black Pearl schotelt ze ons een heerlijke vlezige oester voor die een dikke vlieg verleidt. Wrights hyperrealistische werken sluiten nauw aan bij de Europese 17e-eeuwse schildertraditie  waarin het stilleven zowel lust als vanitas symboliseert. De imposante werken wekken op, door hun formaat en de detaillistische weergave van de vlezige texturen in de verf. De Antwerpse kunstenaar Karin Hanssen brengt een ontluisterende weergave van het bloemenstuk Creamy and Waky ten hulde. Specifiek het gegeven ‘verleden’ en ‘tijd’ spelen ook bij haar een belangrijke rol in haar werk. 
Van fotograaf Didier Verriest zien ​we een foto van netjes geklasseerde beenderen onder de noemer ‘Museum’. Hans Vandekerckhove kennen we van zijn landschappen en verstilde levens en toont ons een portret met als titel Stalker, naar Tarkovski’s film uit 1979. De jongste telg Marlies De Clerck maakte een reeks schilderijen waarop statische museumobjecten uit hun context werden gerukt en als stillevens pronkten. Met haar eerder nonchalante, slordige, losse penseelvoering en een gedempt kleurenpalet, creëert ze de schijnbaar nostalgische beelden.
En ja, ook het kunstenaars-curatorenkoppel Reniere&Depla is aanwezig op dit feest  van schoonheid en vergankelijkheid. Omdat ze er met hun werk echt wel bijhoren. Als een verwaaiering van de stilte van de dingen binnen het kabinet. Ze brengen Il silenzio è d’oro.
 
A Provisional LegacyAdornesdomein, Brugge, 12 oktober 2019 t/m 04 januari 2020, www.adornes.org

 

 

Comments