Adriaan Rees in Den Haag

Adriaan Rees, veelkoppig keramisch beeldhouwer

Telkens duiken ze op in het oeuvre van Adriaan Rees: koppen. Op zijn expositie Telling lies, van 5 februari tot en met 19 maart 2005 te zien bij Livingstone Gallery in Den Haag, vormden ze de 'hoofdmoot'. Beneden stonden twee series: de crème witte Singers en de rood gebakken Golden voices. Hoe zijn ze tot stand gekomen? Hoe verhouden ze zich tot eerdere koppen van Rees? En tot recente projecten in binnen- en buitenland?

Door Sya van 't Vlie

Directheid en kracht

In 2000 maakte Rees Mother en Son, twee sterk geabstraheerde goud geglazuurde koppen. Zonder gelaat, want dat had hij helemaal vlak gelaten. De koppen zijn elkaars spiegelbeeld en naar elkaar toe geschoven zouden beide platte vlakken naadloos op elkaar aansluiten. Ging het Rees hier om de universele band tussen moeder en zoon, bij de rest van zijn koppen zoekt hij naar optimale expressie. De werkwijze voor zijn koppen vond Rees door het project Sculptuurbos dat hij in 1998 realiseerde voor de Ursula Stichting in Liemeer. Onder zijn regie maakten verstandelijk gehandicapten sculpturen in het door hem aangelegde park. Omdat ze zich maar kort konden concentreren bepaalde Rees niet alleen het moment van beginnen maar vooral het moment van ophouden. Zodra hij iets interessants in de vorm zag liet hij de gehandicapte makers stoppen, zodat de directheid en de kracht van dat moment niet verloren zouden gaan. In een serie koppen met de titel Madman legde Rees zichzelf bewust eenzelfde werkwijze op: een korte en intensieve werkperiode, waarbij hij met opzet imperfecties liet zitten. Daardoor behielden ze hun uitdrukkingskracht. Daarna volgden diverse series van koppen, waarvoor steeds dezelfde sleutelwoorden golden: directheid en kracht.

'Oh'- en 'eh'-klanken

Bij de Madman- reeks kwam er van alles uit de mond van de koppen. Het leek of adem belangrijk was. Dat bracht Rees op het idee zingende koppen te maken. Voor deze Singers wilde Rees het 'crème witte glazuur dat niet te glanzend is' van Luca della Robbia (1399/1400-1482). Deze Florentijnse beeldhouwer verhief als eerste keramiek tot sculptuur. In zijn beroemde tondi en reliëfs verenigde hij zo de hoofdkenmerken van schilderkunst en sculptuur: kleur en vorm. Met behulp van studio Struktuur 68 is Rees erin geslaagd dat glazuur te vinden[1]. Toen de serie klaar was maakte iemand Rees erop attent dat de getuite monden van zijn Singers een 'oh-klank' voortbrengen. Hij realiseerde zich dat hij nog nooit koppen had gemaakt waarvan de tanden te zien zijn. Vandaar dat de rood gebakken ongeglazuurde koppen 'eh' zeggen en demonstratief, soms zelfs agressief, hun tanden tonen. Geen witte, maar gouden tanden. Rees noemt zijn Golden voices dan ook 'patserig'.

Samenwerking

In Nederland werkt Rees gewoonlijk samen met Struktuur 68 in Den Haag. Door gebruik te maken van de in studio aanwezige vakkennis kan hij zich concentreren op het beeldhouwen. Volgens Henk Trumpie, oprichter van Struktuur 68, levert die bundeling van de krachten van ambacht en sculptuur vernieuwende resultaten op. Sinds 2000 reist Rees regelmatig naar het Verre Oosten waar hij ook samenwerkt, niet met goed geoutilleerde studio's, maar met locale ambachtslieden. Hij gebruikt de klei van de streek, glazuurt volgens locale technieken en hij stookt zijn werk in houtovens. Maar hij probeert niet zich de traditionele keramiek van de regio meester te maken. Nee, hij maakt keramische sculpturen die 'eigen' zijn. Zo ging hij te werk in China, Taiwan en Korea. En zo ging hij in 2004 ook te werk in Shigaragi in Japan. De resultaten van die werkwijze zijn van 10 februari tot en met 7 maart te zien in het INAX Museum in Tokoname. Naast een grote wandinstallatie toont Rees ook daar koppen als de Great singing samurai en de Young singing samurai. Ze ogen primitiever dan de Nederlandse koppen maar zijn inderdaad onmiskenbaar Rees.

 


 



[1] Het toeval wil dat Luca della Robbia tussen 1431 en 1438 voor de kathedraal van Florence een marmeren Cantoria maakte, bestaand uit tien reliëfs die psalm CL (Laudate Dominum) uitbeelden. De reliëfs worden gescheiden door dubbele pilasters, en stellen zingende en muziek makende engelen voor.

Comments