Biënnale van Venetië 2009

Making Worlds; een wereld scheppen in Venetië

Op openingen hangt vaak zo’n netwerksfeer, waardoor ik ze onbewust vermijd. Waarschijnlijk droeg dat ertoe bij dat ik de Biënnale in Venetië altijd in het hoofdseizoen bezocht. Dampend door oververhitting bij temperaturen van rond de 35 graden, sleepte ik me dan van locatie naar locatie. Dit jaar wilde ik dat anders, ik bezocht begin juni zowel de voorbezichtiging en de opening. Dat viel niet tegen; de temperatuur was aangenaam, de meeste mensen kwamen voor de kunst.

Door Astrid Tanis

Daniel Birnbaum is als kunsttheoreticus en tentoonstellingsmaker een reizende ster in kunstland. Deze directeur van de 53ste Biënnale gaf deze grote manifestatie de titel Making Worlds die verwijst naar de microkosmos van de kunstenaar die met zijn of haar werken een eigen wereld schept waarin ze de toeschouwer meeneemt. De afgelopen decennia groeide de Biënnale uit tot een enorme happening die zich over heel Venetië verspreidt. Ieder zichzelf respecterend land of staatje wil hier de producten van haar kunstenaars tonen. Alles zien is een stressvolle utopie. Meestal schaffen we ons de eerste dag de catalogus aan, en als we de twee grote hoofdtentoonstellingen hebben gezien in de Giardini en de Arsenale, zoeken we in de catalogus naar wat ons nog meer aanspreekt. De door mij verafschuwde netwerksfeer blijkt op dit mega evenement enorm mee te vallen, de meeste mensen willen in de korte tijd die ze hebben, zoveel mogelijk kunst zien. Naast de grote opening van de Biënnale in de Giardini geeft bijna ieder land haar eigen afzonderlijke opening in de landenpaviljoens. Een opening van een landenpaviljoen trekt dorstige bezoekers waardoor je op andere plekken rustig naar de kunst kan kijken.

De Arsenale

We halen onze perskaarten op bij de Arsenale. We weten inmiddels de weg, de entourage  verschilt nauwelijks van de afgelopen jaren; de kunstwerken en inrichting maken het verschil. Ik weet nog hoe ik twee jaar geleden direct bij het binnenkomen in de Arsenale onder de indruk was van een enorme kroonluchter opgebouwd uit tampons; dat was een binnenkomer. Dit jaar kozen de curatoren voor een wat ijler werk van de kunstenaar Lygia Pape. Het werk bestaat uit koperdraad die van vloer naar plafond loopt en zo geometrische vormen creëert. Het doet ook een beetje denken aan stralen die door de wolken breken, maar dan vanuit verschillende richtingen. De kunstenaar wordt geclassificeerd als concreet, bij deze installatie kan ik me daarbij neerleggen.

Op de een of andere manier lijkt de tentoonstelling in de Arsenale dit jaar rustiger ingericht. Voorheen had dit deel van de Biënnale altijd iets van chaos die wel past in deze rouwe ruimte zonder opsmuk. Het versterkte het gevoel van experiment en was wat gewaagder dat de andere plekken. Ik ervoer dit als de plek voor nieuwe ontdekkingen, dat mis ik nu. Een grote houten sculptuur van Thomas Bayle vraagt erom prominent in de ruimte te staan, hij staat een beetje naar de zijkant geschoven zodat je niet genoeg afstand kan nemen van dit monumentale werk; dat is jammer.

Het werk van Michelangelo Pistoletto verwacht je meer in een museale ruimte.

Ondanks dat ik denk dat de twee met spiegels gevulde ruimtes beter uit zouden komen in ‘the white cube’, valt de kwaliteit van dit werk niet ontkennen. Pistoletto werkt veel met spiegels. De spiegels verwijzen naar de menselijke zoektocht naar een identiteit. Identiteiten staan minder vast dan vaak wordt gedacht, er zit een factor van maakbaarheid en breekbaarheid in. Het zelfbeeld kan gemaakt en beschadigd raken door allerlei interne en externe factoren. Er ontstaat dan een gebarsten of vertekend zelfbeeld. Pistoletti maakte een installatie met verschillende spiegels waarin je jezelf kan zien, gebarsten of niet. Tijdens een performance bracht hij de beschadigingen met een moker aan.

Niet alles wat hier in deze grote ruimte staat spreekt mij aan, maar er staan wat mooie werken bij. De installatie van Gildo Meireles valt daarbij op omdat het inspeelt op de lichamelijke ervaring. In een opeenvolging van zes kleine ruimtes kun je in iedere ruimte een andere kleur ervaren alsof je door de kleuren van de regenboog loopt. Je bevindt je in die ruimte in een zee van bijvoorbeeld geel, oranje of blauw. Je voelt hoe de kleuren je gevoel raken. Iedere kleur raakt je anders aan. In het kader van de titel van de Biënnale Making Worlds, geeft dit werk me het gevoel van zes microwerelden.  

Mondiaal

Er valt veel te zien in de Arsenale en niet alleen kunst. Ik kijk wat voor mensen er op zo’n persvoorbezichtiging komen. Later op de middag opent de tentoonstelling van de Verenigde Arabische Emiraten. Een in het wit geklede sjeik loopt met een gevolg van in het zwart geklede heren en kleurrijk geklede dames tussen de beelden door. Het hiërarchische aanzien dat de sjeik geniet druipt van dit tafereel af, het gevolg verdringt zich om zijn aandacht. Even komt de gedachte van een harem bij mij boven; maar dat zal toch niet. Toen we bijna dertig jaar geleden voor het eerst naar de Biënnale gingen, was het een duidelijk westerse, nu een mondiale aangelegenheid. We moeten aan het eind van de Arsenale overvaren om een opstelling van het werk van Jan Fabre te zien. We passeren eerst de overvloedige opening van de Verenigde Arabische Emiraten. Luxe hapjes en drankjes geven het project van een groot cultureel centrum in Abu Thai, waar sjeik Sultan Bin Tahnoon Al Nahyan een rol in speelt, kleur. Op de wanden zie ik grote foto’s van het project en de sjeik. Dit ruikt naar pr en netwerken. Even later bevalt de rust in de ruimte waar Fabre zijn werken toont mij prima; hier gaat het om de kunst. Fabre, die ook als theaterman bekendheid geniet, vult zijn beeldhouwkunst met theatrale effecten. Op een schuin podium ligt een neergeschoten kleurling, ik wil voelen of het niet echt een lijk is, maar hou me in. Fabre loopt hier zelf rond om uitleg te geven en ik wil natuurlijk geen reprimande. In een andere ruimte ligt een lijkbeeld met een enorme priaap waar soms als een fontein een enorme golf melkachtig vocht uit spuit. Ik moet denken aan het boek, De wereld volgens Garp van John Irving waarin een verpleegster zichzelf bevrucht door op de erectie van een stervende man te kruipen. Dit gaat denk ik allemaal terug naar de gedachte dat een man als hij sterft een erectie en ejaculatie heeft.

De Giardini

Een dag later bekijken we op de Giardini eerst de landenpaviljoens. Voor het Amerikaanse paviljoen met Bruce Nauman wacht een enorme rij bezoekers, we slaan het vooralsnog over in de hoop op betere tijden. In het Russische paviljoen toont Pavel Ostretsov een installatie met een hoog ‘Oostblokgehalte’. De donkergekleurde en summier verlichte installatie ziet er mysterieus uit. Het lijkt op een hut met een geheime verzameling van curiosa. Achter een schrijftafel vind je een beeld van een tekenende man, zijn arm beweegt echt. Verderop veranderde Elke Krystufek de naam van het Oostenrijkse paviljoen in Taboo. De kunst is door de eeuwen heen het toneel geweest van het mannelijke erotische voyeurisme, de vrouw stond model. Krystufec zet de man te kijk. Ik ben onder de indruk van de feministische energie die haar werk uitstraalt, terwijl ik feminisme voor de westerse vrouw toch als ‘over de top’ beschouwde. In het Nederlands paviljoen is het prettig vertoeven. Er zijn jaren dat ik me diep schaamde voor de Nederlandse inzending. Dit jaar niet; als ik een prijs mocht geven voor de beste inzending zou Nederland winnen. Fiona Tan maakte een prachtige mysterieuze video-installatie waarin de camera langzaam door een uitdragerij met oosterse artikelen gaat. Tegelijkertijd hoor je een stem die het verhaal van de Venetiaan Marco Polo vertelt die in de 13de eeuw een reis door het Oosten maakte. Tan werd geboren in het oosten en kwam via diverse omzwervingen in Venetië voor deze tentoonstelling, een soort omgekeerde reis. Terug bij Bruce Nauman raken we ontmoedigd door een nog steeds veel te lange rij. 

In het hoofdgebouw het Pallazo delle Esposizione worden we verrast door het werk van Tomas Saraceno. Twee uit elastische draden opgebouwde ballen hangen in de ruimte aan spankoorden. Hier overvalt je het gevoel, dat je je in een drie dimensionaal spinnenweb bevindt. Saraceno heeft een fascinatie voor ‘zwevend wonen’ als oplossing voor overbevolking. Ik zie in dit beeld niet zo snel een oplossing voor wereldproblemen maar dat neemt niet weg dat ik dit in beeldend opzicht een overtuigende constructie vind. 
In de kelder van het gebouw staat een enorme ruimtevullende installatie van Nathalie Djurberg. Djurberg produceert kleimodel-animaties. De animaties hebben een ondertoon waarin de tegenstelling tussen erotiek, geweld en schijnheiligheid een rol spelen. Indrukwekkend zijn ook de decors waarin het zich afspeelt, een soort psychedelisch landschap met vreemde bloemen en planten. Djurberg bouwde in dezelfde ruimte een enorm decor waarbinnen je haar video’s, ziet.

Tijdens de officiële opening vallen kunstenaars en curatoren in de prijzen. Bruce Nauman krijgt de prijs voor beste nationale participatie. Nathalie Djurberg krijgt terecht een prijs als veelbelovend jong talent. Yoko Ono zagen we een dag eerder tijdens een performance, met haar 76 jaar is ze nog opmerkelijk vitaal. Ze krijgt een prijs voor haar levenslange inzet en invloed in de kunstwereld, die al begon voordat ze bekend werd als partner van John Lennon en als vredesactivist. Ze eindig haar dankwoord met haar lievelingswoord ‘Peace’. Ze is hier duidelijk de ‘grand old lady’ van deze dag. De prijsuitreikingen gaan nog even door terwijl we zien dat voor het Amerikaanse paviljoen maar enkele mensen wachten. We zien onze kans schoon en enkele minuten later zijn we binnen. Nauman blijft zichzelf vernieuwen terwijl hij al decennia lang gezien wordt als een van de meest belangrijke kunstenaars. Hij werkt met neonlicht, video en beelden. Het menselijk lichaam en teksten spelen een belangrijke rol in zijn werk. In het paviljoen staan installaties van een in een mal afgegoten kop. Gezamenlijk vormen ze een bizarre fontein. Dit is niet het enige werk. Ook zijn neonteksten, mooie sculpturen van handen, en een carrousel met beelden eraan, ontbreken niet. In dit paviljoen ben je niet snel uitgekeken. Hij kreeg naar mijn mening terecht een prijs; het is een mooie afsluiting voor mij.

Biënnale van Venetië, 7 juni t/m 22 november 2009

www.labiennale.org

www.fionatanvenice.nl

 

 

 

 

Comments