Coen Vernooij

Coen Vernooij

Kunst als parallelle wereld van ervaringen

Voor de kunstwerken van Coen Vernooij moet de kijker de tijd nemen. Anders wordt deze geheid op het verkeerde been gezet. Diens ijle constructies van metaaldraad lijken namelijk eenvoudig, maar zijn dat allerminst. Er wringt van alles en er is veel onvoltooid gelaten. De mate van abstractie suggereert dat de beelden zijn voortgekomen uit de geest en handen van een constructivist. Ook dat blijkt niet te kloppen. Wat kunnen we eigenlijk (wel) zeggen over de kunstenaar Coen Vernooij?

Door Judith van Beukering 

Macro en menshoog

Coen Vernooij maakt wandsculpturen en staande sculpturen; open constructies gemaakt van dunne metalen staven. De wandsculpturen zijn bewerkt met ijzerglimmerverf, de staande sculpturen zijn wit gepoedercoat. Het werken in kleur heeft hij al lang geleden achter zich gelaten. Kleur vindt Vernooij van een andere, schilderkunstige orde. Collega-kunstenaars die een sculptuur bijvoorbeeld een primaire kleur meegeven, begrijpt hij niet. Hoe kun je nu voor één kleur kiezen en wat zou dit dan betekenen? Het formaat van Vernooij’s beelden is heel bepalend voor de ervaring van de kijker. De wandsculpturen zijn in de lengte en breedte nooit veel groter dan veertig centimeter en komen ongeveer tien centimeter van de muur. De kijker verhoudt zich tot deze werken als tot het beeld door een macrolens; je wordt in een kleine wereld getrokken die uitdijt in je hoofd. De staande sculpturen zijn meer dan menshoog. De basis is vaak een vierkant van veertig bij veertig centimeter en twee tot twee meter twintig hoog. Tot deze beelden verhoudt de kijker zich met het hele lichaam; het er omheen lopen en het veranderende perspectief is essentieel voor deze werken. Binnen de staande beelden zijn er die extreem veranderen in aanzicht en anderen die dat minder doen.

Magneten

“Ben ik een constructivistische kunstenaar?”, vraagt Coen Vernooij als ik voor de tweede keer zijn atelier in Nijmegen bezoek. Een retorische vraag, aangezien hij tijdens onze eerste ontmoeting uitgebreid heeft verteld over zijn werkwijze en bronnen. Vernooij gaat niet methodisch te werk, zoals constructivisten dat doen. Zij maken vaak series met kleine variaties, die rationeel worden toegepast. Vernooij gebruikt wel proefmodellen en tekenstudies om te zien of een sculptuur gaat werken. Maar de ideeën binnen een serie kunnen zeer uiteenlopen en hij werkt tegelijk aan heel verschillende beelden. De vraag komt in hem op omdat mensen – galeriehouders e.a. - hem vragen om een meer methodische aanpak, iets wat al speelt vanaf zijn academietijd. Maar als je Coen Vernooij hoort praten – van de hak op de tak – is het duidelijk dat dit niet bij hem past. Hij benadert een onderwerp vanuit diverse invalshoeken en spreekt over dingen die hem verwonderen. Toch is er, net als in zijn kunst, een duidelijk waarneembare samenhang en dat is dat de ideeën voortkomen uit hem zelf en als een ‘Coen Vernooij’ herkenbaar zijn. Op zijn werktafel liggen twee magneten - een rode en een blauwe - die hij oppakt. Niet zomaar, maar om iets te illustreren. “Menselijke verhoudingen zijn oneindig ingewikkeld”, zegt Vernooij. “toch zou je deze kunnen weergeven met een eenvoudig principe als ‘aantrekken en afstoten’, zoals deze magneten kunnen doen.” Wat Coen Vernooij met zijn kunst wil, is ongeveer hetzelfde. Iets heel ingewikkelds terugbrengen tot een eenvoudig principe, dat toch alles in zich draagt. Zijn kunstwerken zijn geen een-op-een vertaling van diens ervaringen maar komen er wel uit voort en zij vormen een parallelle wereld.

Wilt u het hele artikel lezen, neem dan een abonnement, of vraag een proefnummer aan voor € 4,- via info@spabonneeservice.nl 

www.coenvernooij.nl

 

 

 

 

 

 

 

Comments