De Anningahof

DE MAN VAN ATLANTIS EN ANDERE VERSCHIJNSELEN: VERNIEUWDE OPSTELLING IN DE ANNINGAHOF

De automobilist die na de stoplichten te veel gas geeft is er zo voorbij, maar als je erop bedacht bent is het bord ‘Beeldenpark’ aan het begin van de provinciale weg Zwolle-Ommen goed zichtbaar. Achter een groene haag bevindt zich daar een particuliere beeldentuin die zich in korte tijd heeft ontwikkeld tot een van de meest opvallende in Nederland.

Door Geraart Westerink

Het park

Na jaren in Amsterdam gewoond en gewerkt te hebben keerde Hib Anninga rond de eeuwwisseling terug naar zijn geboortegrond onder de rook van Zwolle. Daar transformeerde hij het boerenbedrijf van zijn vader tot een beeldenpark dat in 2004 werd opengesteld voor het publiek. Landgoed de Anningahof, zoals het werd genoemd, ligt vlakbij het schilderachtige Vechtdal, maar ook op een steenworp afstand van industrieterrein de Hessenpoort. Bij de ingang van de hof dient een transparant verbouwde hooiberg als receptie, ‘winkel’ en koffiepunt. In de voormalige boerderij wordt gewoond. Twee schuren herbergen kwetsbare binnenbeelden. Vanuit deze bebouwing, in een hoek van het terrein, strekt de tuin zich wijds en uitnodigend uit  Het voormalige weiland is volledig op de schop genomen. Het terrein bestaat uit meerdere delen. Het kleinste is de Boomgaard, een rechthoekig perceel dat het meest recent is aangepakt. Het grootste deel heeft de vorm van een flinke wafel. Het is prozaïsch ingedeeld in Voorin, Midden en Achterin.

Verrassing

In het park staan ruim 100 beelden van overwegend Nederlandse kunstenaars en een klein aantal Belgen. Er zijn meerdere generaties vertegenwoordigd, maar de jongeren overheersen. Van bijna elke kunstenaar is meer dan 1 werk te zien. Bij de keuze wordt Anninga geadviseerd door voormalig galeriehouder Ben Loerakker, die hij kent uit Amsterdam. Ook komt het steeds vaker voor dat vertegenwoordigde kunstenaars collega’s voorstellen. Elk jaar wordt een kwart van de beelden gewisseld en een ander deel verplaatst. 6 mei werd de nieuwste opstelling gepresenteerd.

De Anningahof onderscheidt zich duidelijk van de gemiddelde beeldentuin. Hier geen eindeloze optocht van ambachtelijk bewerkt steen, cortenstaal en niets aan de verbeelding overlatende bronzen, waar je na één rondgang op uitgekeken bent. Wat opvalt is de variatie. Veelkleurigheid, fantasie, humor, en vervreemding maken een wandeling door de tuin een avontuur met voortdurende verrassingen. Er wordt constant een beroep gedaan op de verbeelding, zonder te vervallen in cryptische geheimtaal, al zijn de dubbele bodems legio. Vrolijk uitziend werk blijkt bij nadere beschouwing wrang en verontrustend. Het lieve babyblauw en –roze van Folkert de Jongs Enter the Sandman (2004) bijvoorbeeld bedekt een alarmerende boodschap.

Veel werk heeft een monumentaal karakter, wat geen verbazing wekt, omdat de meeste kunstenaars ervaring hebben met opdrachten. Figuratie is bijna altijd het uitgangspunt. Vrijwel alles is te koop. Toch krijg je geen moment de indruk met een commerciële instelling van doen te hebben. Niet de verkoopbaarheid staat voorop, maar de kwaliteit. Bij gevolg staan er ook kwetsbare en vergankelijke beelden. Zo heeft één van Tom Claassen’s Hangende Mannen (2003) net een been verloren.

Kleur

Door het verlangen naar kleur, dat Hib Anninga duidelijk uitspreekt, zijn er opvallend veel beelden van keramiek of kunststof, zoals de recente aanwinst van Pepijn van den Nieuwendijk, een bizarre, lezende rat met als titel Afterwar Delight (2006). Er staat ook iets ouder werk van Hans van Bentem, Karel Goudsblom en Bastienne Kramer. Veel werk lijkt voor de locatie gemaakt, al is dat slechts zelden het geval. Goudsbloms oranjerode Big Fun 1, een kunststof beeld van een hysterisch lachende man, ligt prachtig tussen het groene gras. Theo Schepens Paard en Wagen (2006) volgt keurig het spoor van één van de klinkerpaadjes en Peter Bruggenhouts What the Fuck (2004), maakt zijn titel waar door spontaan scheef te zakken in de vijver waarin hij neergestort lijkt, waardoor het een sterker beeld oplevert.

Die zorgvuldige plaatsing op basis van formaat, kleur, thema en titel wordt vergemakkelijkt door de speelse aanleg van de tuin. Gevarieerde beplanting heeft pleinen, gangen en kabinetten geschapen. Her en der zijn vijvers gegraven en met de overtollige grond terpen opgeworpen. Klinkerpaden vormen de slingerende hoofdroutes. Soms worden paden gemarkeerd door het gras korter te maaien. Naarmate je verder van de boerderij weg bent, wordt de natuur meer aan zijn lot overgelaten. Wilde planten en bloemen worden opgenomen in het concept en de eigenschappen van het terrein (drassig of droog) blijven deels intact. Zo bieden geschikte locaties zich als vanzelf aan. Door dit alles is de Anningahof een plek geworden waar vooral de Nederlandse beeldhouwkunst van de laatste tien jaar op een wijze en in een compleetheid wordt getoond die elders, musea niet uitgezonderd, zelden wordt geëvenaard. 

Anningahof, Hessenweg 9, 8028 PA Zwolle, www.anningahof.nl

 

Comments