Henk Visch: Ik was getrouwd met een aap

Ik was getrouwd met een aap  

Het Stedelijk Museum Kampen heeft sinds anderhalf jaar een prachtige nieuwe behuizing in het Oude Raadhuis van de gemeente. Op de begane grond is, naast het museumcafé en shop, ruimte voor wisselexposities. Daar waren tot 21 november sculpturen van Henk Visch tentoongesteld. De titel ‘Do you want to know the whole story’ suggereert een overzichtstentoonstelling. Maar in werkelijkheid waren er maar 10 beelden te zien. Eerder een 'Short story' dus.

Door Paulo Martina

Toch is Henk Visch (1950) met zijn raadselachtige wezens in staat om mijn bezoek meer dan de moeite waard te maken. Het begint al bij binnenkomst waar een reus van meer dan twee meter lengte mij met een lege blik aanstaart en een stap in mijn richting lijkt te nemen. De titel van het werk, Too late For the Grave, wekt de associatie op met een ‘Dances Macaber’, de dodendans die niemand ontziet. Met uitzondering van de kleine holle ogen is alles aan hem zwart. Zijn mantel van een soort zwarte synthetische wol verhult de contouren van zijn lichaam. Deze gitzwarte Yeti nodigt niet bepaald uit. Maar als je hem meer aandacht schenkt, bekruipt je steeds meer een gevoel van mededogen voor deze vazal van het dodenrijk. Ondanks zijn lengte is hij fragiel, breekbaar en daardoor exemplarisch voor het oeuvre van Visch.

Staan

De beelden van Visch hebben de mens als thema, maar dan als een geabstraheerde en vervormde verbeelding ervan. Ondanks dat er vaak bepaalde  lichaamsdelen ontbreken, zijn de sculpturen heel direct.  Ze lijken je aan te kijken, of de identificatie gaat zo ver dat je jezelf er op een bepaalde manier in herkent. Daarom worden de beelden vaak als ongemakkelijk of zelfs als confronterend ervaren. De houding van de figuur speelt een grote rol. Zelf zegt Visch daar over: “Eigenlijk gaat al mijn werk over ‘staan’. Dat zou je best een soort thema kunnen noemen. Alle beelden staan eigenlijk op een voet of steunen ergens op. Het staan zoals jezelf ook staat en bestaat. Voeten waarmee je op de bodem staat, nee, niet op de bodem, op de aarde. De aarde heeft geen bodem.” Misschien geldt dat wel voor het hele leven dat welbeschouwd bodemloos is. Elk moment moet er weer een balans gevonden worden, een wankel evenwicht dat door een onverwachte gebeurtenis onmiddellijk verstoord kan worden. Ze hebben ook iets archaïsch, deze wezens van Visch. Met hun hoge voorhoofden, uitgerekte ledematen en wankele poses, lijken het goden die de aarzeling tot grootste deugd hebben verheven. Soms worden ze letterlijk geleid, zoals in een tekening op de tentoonstelling te zien is. Twee hertjes, getekend zoals we die kennen van prehistorische grottekeningen trekken aan de voeten van een wezen die niets anders dan totale apathie uitstraalt. Een andere keer is er min of meer sprake van een bewuste handeling, zoals in het beeld dat dezelfde titel draagt als de tentoonstelling. Deze figuur lijkt een rituele handeling uit te voeren. In zijn linkerhand heeft hij een lange stok. Zijn rechterhand heeft hij gebald tot een vuist. De houding doet denken aan de bronzen beelden uit 450 v.Chr. die twee krijgers voorstellen, ook wel de bronzen van Riace genoemd. Ook deze twee beelden hebben een hand gebald, daarmee hielden ze oorspronkelijk een schild vast. In de andere hand hielden ze een speer. Is hier ook sprake van een krijger en suggereert Visch met de vuist de afwezigheid van een schild? Het lijkt er wel op en levert in ieder geval de associatie op met een verdwenen beschaving.

Titels

De titels leveren vaak poëtische, komische en soms vervreemdende betekenissen toe aan de werken. Zo is er op de tentoonstelling een relatief eenvoudig beeld te zien van een konijn. Maar de titel Ik was getrouwd met een aap, levert niet alleen een vervreemdend element op maar verklaart tegelijkertijd de licht melancholische blik in de ogen van het beest. Naast de meer figuratieve beelden zijn er ook een tweetal op het eerste gezicht abstracte beelden te zien op de tentoonstelling. De titels leveren echter meteen weer de connectie met herkenbare objecten. Zoals het werk met de titel Ships at sea uit 2008. Het werk is opgebouwd uit blauw beschilderd en ruimtelijk aan elkaar gelast betondraad. Zo ontstaat een constructivistische plastiek die in de verte doet denken aan werken van Joost Baljeu. Maar door de titel zie je direct honderden schepen die achter elkaar en door elkaar heen varen. Directeur van het museum, Stan Petrusa, heeft er gelukkig voor gekozen de beelden de ruimte te geven. Zo werkt de omgeving versterkend en krijgen de beelden de grandeur die ze verdienen. Liever een goed kort verhaal dan een roman die leest als een telefoonboek.

Do you want to know the whole story? Stedelijk Museum Kampen, 18 september t/m 21 november 2010


Wilt u meer lezen, neem dan een abonnement, of vraag een proefnummer voor € 2,50 aan via info@spabonneeservice.nl 


 

Comments