Henry Moore

Henry Moore

De beelden van Henry Moore (1898-1986) zijn in 760 tentoonstellingen over de wereld gereisd. Zijn monumentale, organische werk is op ieders netvlies gebrand. Onlangs zette de Duitse professor Christa Lichtenstern de kroon op zijn werk met het standaardwerk ‘Henry Moore, Work, Theory, Impact’, waarin zij zijn plaats in de kunst- en ideeëngeschiedenis onder de loep neemt. 
Toen Lichtenstern in 1969 het werk van Moore zag was ze diep onder de indruk. Tussen 1977 en 1982 interviewde ze de kunstenaar meerdere malen, maar pas in 2008 kwam haar diepgravende, rijk geïllustreerde studie gereed, waaraan ze zes jaar heeft gewerkt. Binnen de tweede golf van het modernisme ontwikkelde de Britse kunstenaar een heel eigen idioom. Waar haalde hij zijn ideeën vandaan? Wat is de betekenis van zijn plastische  vormentaal? Wat is de invloed van zijn werk?

Door Anne Berk

Als jongetje van elf zag Moore op de zondagschool een plaatje van Michelangelo. Dat maakte zo’n indruk dat hij besloot kunstenaar te worden. Nadat hij in 1917 als vrijwilliger in Frankrijk had gevochten, een ervaring die diepe indruk maakte, ging hij studeren aan de academie in Leeds. Vervolgens won hij een beurs voor het Royal College of Art in Londen. Moore had talent, dat was duidelijk, maar hoe kon hij uitgroeien tot de beeldhouwer die zich kon meten met grote meesters als Rodin, Picasso en Brancusi? Dat was te danken aan zijn open geest, aldus Lichtenstern. In bibliotheken, musea en particuliere kunstcollecties maakte Henry Moore schetsen van het werk van voorgangers en tijdgenoten, op zoek naar een universele, algemeen menselijke beeldhouwtaal. Hij bestudeerde de kunstgeschiedenis van heden en verleden, van de westerse en niet-westerse kunst. Van Cycladische kunst tot Jean Arp, van Stonehenge, Ierse kruisen tot Michelangelo. In deze vruchtbare dialoog vond hij zijn stijl, zoals Lichtenstern met veel illustraties laat zien. Dat levert interessante zoekplaatjes op. Vergelijk bijvoorbeeld het schilderij De grote baders van Cézanne’ met de schetsen van Moore, die de badende vrouwfiguren eerst in klei modelleerde, zodat hij ze van alle kanten kon natekenen. Vergelijk de tekening van de liggende Aztekenfiguur Chacmool met Moore’s geabstraheerde stenen Liggende figuur uit 1929, een doorbraak in zijn oeuvre.  

Lees meer in Beelden 1#2010. Neem een abonnement of vraag een proefnummer aan. 

Comments