Kunst en geld: Jaap de Ruig

Hoe te leven van de kunst? Jaap de Ruig:

“Videokunst ervaar je, je koopt het niet.”

Videokunst is moeilijk te verkopen. Ook al heeft het FNV dankzij de acties van het PlatformZonderKunstenaarsGeenKunst nu een Hang- en Stageld Richtlijn, kunstenaars ontvangen doorgaans geen honorarium. Voor de productie van videofilms is financiële ondersteuning onmisbaar, maar het Thuiskopiefonds is in 2008 afgeschaft en de beurzen voor beeldend kunstenaars worden na de fusie van het Fonds BKVB met het Mondriaanfonds gehalveerd: van twaalf miljoen naar vijf miljoen euro.

Door Anne Berk

Met kleine, verrassende ingrepen toont Jaap De Ruig ons de broosheid van het bestaan. In het onvergetelijke Man (1999) zijn vijf maden zo aan elkaar verbonden dat ze een wriemelend lijfje vormen, een klein papieren gezichtje maakt de illusie compleet. Het filmpje is humoristisch en tragisch tegelijk. Het argeloze, overmoedige wezentje op de handpalm van de kunstenaar spartelt van levenslust, maar kan met één gebaar vermorzeld worden.

Jaap de Ruig volgde een opleiding aan de kunstacademie, maar werkte tot zijn 35ste als reportagefotograaf. Daar kon hij goed van leven. Gaandeweg bevredigde het hem niet meer om het leven en lijden alleen te registreren. Wat betekent dat, leven en dood? Hoe gaan wij daarmee om? De Ruig koos voor het kunstenaarschap. Sinds 1992 maakt hij foto’s, kunst van materialen als spinrag, geënsceneerde video’s en documentaires, met als voorlopig hoogtepunt The Source - One Day in a Roma settlement in Romania (2009). De Ruig, die al sinds 1990 in het Roemeense dorpje Hetea komt, filmde voor een film van 40 minuten slechts één dag. Als een antropoloog laat hij  - zonder commentaar – zien hoe het leven van de Roma zich voltrekt, als een strijd om het bestaan met hoogte- en dieptepunten. Vreemd en herkenbaar tegelijk.


Financieel niet wijzer

De Ruig’s werk werd in binnen- en buitenland goed ontvangen. Galeriehoudster Maria Chailloux was de eerste die hem een solotentoonstelling aanbood. De Europese zender ARTE toonde in 2002 zeven video’s in het programma Die Nacht /La Nuit. In Barcelona werd zijn werk bekroond met de ‘Premio New Art’. In 2003/2004 toerde De Ruig een jaar door Europa om zijn werk te promoten. Hij toonde een compilatie van zijn films in vijfentwintig musea en galeries, van Lissabon tot Chisinau tot Helsinki en gaf lezingen. Het project leverde veel publiciteit en contacten op. In 2006 kreeg De Ruig zes solotentoonstellingen in Europese musea, maar financieel werd hij er niet wijzer van.

“De kosten van de reis waren laag. Ik nam zelf de benodigde apparatuur mee. Ik sliep in mijn bestelauto. Mijn partner, de schrijfster Mariët Meester, schreef onderweg een column. De Nederlandse ambassades droegen bij aan de onkosten van de solotentoonstellingen in 2006, net als het Mondriaanfonds, maar zelf heb ik aan deze zeer inspannende tournee niets verdiend. Geen enkel museum betaalde mij een honorarium. En dat is typerend voor de gang van zaken.

In 2007 besteedde ik een jaar aan het ontwikkelen van een nieuwe projectietechniek, waarbij ik niet langer gebonden was aan de begrenzing van het rechthoekige kader. Mensfiguren worden levensgroot geprojecteerd. Ze lijken haast lijfelijk aanwezig, waardoor de suggestie van een performance ontstaat. Deze video-installaties beleefden hun première bij galerie RAM. De NRC en De Telegraaf schreven enthousiaste kritieken en er werd voor 4.500 euro een werk verkocht aan een particuliere verzamelaar. Na aftrek van BTW en provisiekosten bleef er 1.900 euro over. Daarnaast ontving ik 5.000 euro van het Thuiskopiefonds (dat in 2008 werd afgeschaft). Samen is dat 6.900 euro voor een heel jaar werken”!

Lees het hele artikel in Beelden 4#2011. Neem een abonnement of vraag een proefnummer aan.

www.jaapderuig.nl

Comments