Jeroen Doorenweerd, Vortex

Jeroen Doorenweerd

Op 18 juni 2014 werd in Enschede het kunstwerk Vortex van Jeroen Doorenweerd in gebruik genomen. Het is een opvallend onderdeel van het nieuwe Willem Wilminkplein van gemeentelijk ontwerper Hans Schröder.

Door Geraart Westerink

Aanloop

Als je in Enschede het markante betonnen wederopbouwstation van ingenieur H.G.J. Schelling verlaat, word je direct geconfronteerd met het grote, kale en nogal troosteloze Stationsplein. Het mag wat unheimisch aandoen, de vorm en opzet dirigeren je wel direct naar het centrum. Aan de overkant van het plein lonkt grootschalige bebouwing, waaronder het nieuwe City Hotel. Dichterbij gekomen ontvouwt zich, na het maken van een bocht naar rechts, het Willem Wilminkplein. Het blijkt een functionele schakel te vormen tussen de rechthoekige steenvlakte van het Stationsplein en de dicht bebouwde concentrische binnenstad van Enschede, met de fraaie middeleeuwse kerk als middelpunt. Het verbindt als zodanig twee stedenbouwkundige uitersten op doeltreffende wijze.

Het Willem Wilminkplein is een trapeziumvormige ruimte. Het vormt het hart van het Nationaal Muziekkwartier van Enschede, waar onder meer het Willem Wilminktheater deel van uitmaakt. Neerlandicus Willem Wilmink, die met zijn nuchtere ‘Tukkerse’ inslag bekend werd als dichter, liedschrijver en zanger, zou met geamuseerde verbazing en waarschijnlijk ook milde instemming hebben aanschouwd wat onder zijn naam tot stand is gekomen.

De opzet

Voor de aanleg van het plein is een deel van een voormalige kloostertuin ‘opgeofferd’. Rondom liggen gebouwen. Oude en nieuwe, hoge en lage. De variatie van de bebouwing geeft de omgeving een stedelijke uitstraling en draagt bij aan de sfeer. De architectonische kwaliteit van de nieuwbouw is goed, maar niet opzienbarend. Met de gehanteerde vormen en verhoudingen is duidelijk rekening gehouden met de opzet van het plein, waardoor een aangename ruimteverdeling is bereikt en een beschutte stedelijke ruimte is ontstaan.

Ontwerper Hans Schröder heeft het plein op verschillende manieren ingedeeld. Aan de buitenzijden lopen royaal opgezette fiets- en wandelstroken, die als vanzelfsprekend aansluiten op het oude centrum. Auto’s zijn niet toegestaan. Aan de rand van die stroken is plek ingeruimd voor straatmeubilair: betonnen banken met geïntegreerde verlichting aan de linker- en rechterzijde (gezien vanaf het station). Houten banken aan de overkant, ter hoogte van de Harry Banninkstraat: genoemd naar een andere Tukker met wortels in de wereld van het amusement. In lijn met de banken zijn op regelmatige afstand prullenbakken geplaatst. Alles is verzorgd vormgegeven zonder schreeuwerig te zijn. De doorgangsroutes omsluiten een bescheiden grasveld, waarop een drietal bomen staat. Aan de overkant van het veld is een opvallende waaiervormige stenen trap gesitueerd, met brede treden, die lopen naar een grillige constructie van natuurstenen keien. Door een subtiel spel met niveauverschillen heeft Schröder de hiërarchie van de afzonderlijke elementen, maar ook hun onderlinge samenhang versterkt en op eenvoudige wijze een grotere levendigheid bereikt, waardoor het plein vanuit verschillende invalshoeken interessant is.

Bron

De zichtlijnen van het ontwerp en het gehanteerde niveauverschil zorgen ervoor dat de meeste aandacht uiteindelijk naar de natuurstenen constructie gaat. Dit blijkt het kunstwerk Vortex van Jeroen Doorenweerd te zijn, dat hij in nauwe samenspraak met Schröder heeft vervaardigd. Het vormt in zijn grilligheid een boeiend en welkom contrast met de strakke lijnen die het karakter van het plein grotendeels bepalen. De naam verwijst naar het fenomeen van de ‘werveling’, die zowel in lucht als in vloeistof plaats kan vinden. Het begrip wordt ook wel in de wereld van de Science fiction gebruikt, om te verwijzen naar het verdwijnen in een andere tijd of ruimte, hetgeen kunst, volgens Doorenweerd, ook kan bereiken.   

En Vortex bereikt dat ook voor een deel. Een eerste aanschouwing van de stoere ‘hoop stenen’, die duidelijk doelbewust zo zijn geplaatst, doet denken aan een archeologische opgraving, aan een ruïne van een stadsmuur of een kasteelachtig bouwwerk. Het bouwsel lijkt in zijn visuele vorm te verwijzen naar het verleden van de stad. Bij nadere beschouwing blijkt het gecompliceerder te liggen. De constructie is tamelijk nieuw. Een vroegere functie is niet direct herleidbaar. Bovendien is er water aanwezig, waardoor de associatie met een bron wordt gewekt, maar wel een bron die op dat moment droog ligt. En dat is meteen een zwak punt van het ontwerp (en van de meeste kunstwerken waarin water een belangrijke rol speelt). Het ding moet het wel doen. Als het in werking is, stroomt een constante waterstroom vanaf de hoogste muur de diepte in. Ook loopt er dan water over de brede traptreden richting kunstwerk, waardoor er - inderdaad - een boeiende werveling zal ontstaan. Zomerse promotiefoto’s tonen vrolijk spelende kinderen onder de waterstromen. Op een winterse februaridag met lichte sneeuw en een drooggevallen bron is de sfeer mistroostiger en wordt een belangrijk deel van het effect van het werk teniet gedaan. In zonniger omstandigheden zal het nieuwe Willem Wilminkplein echter een aangename plek zijn om te verpozen, een geslaagde stadsoase.

Rectificatie

Jeroen Doorenweerd reageerde op het bovenstaande artikel als volgt:

Het bijzondere aan het ontwerpproces rondom het Willem Wilminkplein is dat ik samen met Hans Schröder, destijds de gemeentelijke ontwerper, het héle ontwerp voor het plein heb gemaakt. De vortex is daar een onderdeel van. Het plein is het kunstwerk, vortex het thema en dramatisch zwaartepunt. Juist de manier waarop dit proces is verlopen, de experimentele vermenging van verantwoordelijkheden en disciplines, maakt dit project super interessant en leerzaam voor de in kunst geïnteresseerde lezer. 

In de tekst wordt ervan uit gegaan dat de ontwerper het plein maakte en de kunstenaar de fontein, de klassieke rolverdeling tussen kunstenaar en ontwerper. Terwijl we juist deze gang van zaken in dit ontwerpproces heel bewust hebben vermeden. Geheel verkeerde informatie dus. 
Het had in dit artikel ook kunnen gaan over vruchtbare samenwerking tussen kunst en andere disciplines. Die integrale aanpak is erg actueel. Een gemiste kans! 

Voor meer informatie: 
http://www.jeroendoorenweerd.com/?m=projects&a=intro&id=97

 

Comments