Lichtkunst in H-I-Ambacht

Licht in het duister

Hendrik Ido Ambacht breidt uit met de nieuwbouwlocatie Volgerlanden. Dat betekent een kans voor veel kunstenaars die sommige plekken een extra betekenislaag kunnen geven. Twee van die plekken zijn verbindsgebouwen met de ondergrondse Sophiaspoortunnel die onderdeel is van de Betuwelijn. Deze gebouwen staan in het landschap rondom de nieuwbouwwijk.

Door Astrid Tanis

De projectgroep Kunst Volgerlanden koos ervoor om kunstenaars uit te nodigen met de expliciete wens twee lichtsculpturen te ontwerpen, een op het schachtgebouw en een op het vluchtgebouw. Reden hiervoor was dat de locaties weinig licht van zichzelf hebben en ook geen licht uit de directe omgeving krijgen. Na een zorgvuldige selectie gingen twee kunstenaars daadwerkelijk aan de slag om deze gebouwen van licht te voorzien; Marcel Kronenberg en René Knip.

Spooky

Beide kunstenaars zijn gewend werken in de openbare ruimte te maken. Kronenberg heeft een paar indrukwekkende sculpturen in ons land gezet, die altijd zeer contextgebonden zijn. Voor een rotonde in Gouda maakte hij een sculptuur van een vangrail, heel toepasselijk op die plek en tegelijkertijd heel surrealistisch omdat het aan een achtbaan doet denken. Dezelfde surrealistische kracht heeft het beeld Spoortunnel, bij drie uit puin en sloopafval gecreëerde heuvels in het recreatieschap Rottemeren in de directe omgeving van Rotterdam. Het is een beeld van een spoortunnel in een berglandschap dat op zijn kop ligt. Dit beeld doet het prima in samenwerking met de drie bestaande kunstmatige heuvels.

In Volgerlanden maakte Kronenburg een lichtsculptuur op het Schachtgebouw. Het gebouw heeft een functioneel ogende uitstraling door het ruw zwarte beton, het glas, de zwarte stalen deuren en de mantel van geperforeerd roestvast staal. Kronenburg zegt hierover. “De omgeving is bij mij altijd het vertrekpunt. Ik zoek naar de kwaliteiten in de omgeving en probeer die te versterken. Het is een donkere afgelegen plek. Een beeld van koel neonlicht versterkt de kwaliteiten op deze plek. Deze kwaliteiten zijn een spooky industriële en verlate sfeer. Het Schachtgebouw is doorgaans onbemand. De nabije omgeving blijft vanwege veiligheidseisen onbebouwd. Deze sfeer associeer ik al snel met spinnenwebben” verklaart Kronenburg. Verder ziet Kronenberg een verband met de spoortunnel onder de grond. “Het web kun je zien als een perspectieftekening van een tunnel ”. Bij de uitleg van de kunstenaar kan ik als toeschouwer altijd vrij verder associëren; is het spoor ook niet onderdeel van een netwerk, een web dat zich steeds verder uitbreidt? Ik besluit het beeld te bekijken als de zon onder is, terwijl het een ijsblauwe gloed over de directe omgeving werpt. Het blijkt een monumentale uitstraling te hebben. De omgeving is spooky maar het neonlicht refereert ook aan bebouwing en aan stedelijkheid. Daar ontkom je met neon niet aan.

Taal

Ik heb iets met taal. Een gedicht kan de uitstraling hebben van een monument dat staat als een huis. De combinatie kunst en taal is in mijn ervaring altijd een sterke combinatie. In Münster schreef Kabakov 10 jaar geleden een gedicht in de lucht over wolken dat mij direct raakte. De werken van Jenny Holzer, die veel met neon en taal werkte vond ik vanaf het begin prachtig. Ook het werk van de conceptualist Joseph Kosuth die alle kunst tautologie vindt, sprak mij vanaf het begin aan. Omdat taal daarin een belangrijke rol vervult. Als taal en beeld samenvallen wordt je op twee fronten aangesproken; visueel en intellectueel. Voor mij betekent dat dubbel effect.

De kunstenaar René Knip is van origine typograaf, maar ontpopte zich al snel als kunstenaar. Toch blijven taaltekens, net als taal belangrijk in zijn werk. Bij Knip worden taaltekens drie dimensionale beelden met een autonome waarde. Vaak werkt hij samen met taalkunstenaars waarbij hij de vorm bepaalt en de schrijver de vorm volgt. Knip ontwierp, in samenwerking met de schrijver K. Schippers, voor de Volgerlanden een lichtkunstwerk op een vluchtgebouw. K. Schippers schreef voor deze opdracht de zin Alles bedelt om betekenis, deze toren staat hier voor jou alleen.’ De vormgeving van dit werk is zonder meer spannend, maar de tekstuele betekenis geeft een extra filosofische dimensie aan dit werk. Het mooie van de dichtregel is dat de kunstenaars hiermee het werk vrijheid geven. Het werk is vrij om zich te verbinden met een ieder die het werk passeert. Iedere toeschouwer is het centrum van zijn eigen beleving. De toren voegt zich daarnaar en is keer op keer uniek. Om de tekst goed tot je te nemen nodigt dit kunstwerk je uit om rondom het gebouw te lopen. Ook dit werk bekijk ik bij schemering, naarmate het buiten donkerder wordt krijgt het werk meer kracht. Dit is nu echt een kunstwerk dat me blij maakt.

 

 

 

 

Comments