Niki de Saint Phalle

Woede en troost: Niki de Saint Phalle in Scheveningen


Museum Beelden aan Zee beschouwt haar als een van de grootste beeldhouwers van de 20ste eeuw en eert haar met een schitterende overzichtstentoonstelling. Het 25 jarig bestaan van het museum mag groots gevierd worden. Het toonstellingsontwerp vormt een echo van het typische Niki de Saint Phalle-kobaltblauw, dat overal in de beelden en tekeningen opduikt. Veel objecten worden gedragen door draaiende blauwe schijven, waardoor je ze telkens opnieuw ziet. Een tulen gordijn deelt de ruimte zwierig in tweeën en verbindt zich met de sluier van de bruid, die bij het begin staat. Een oude bruid, in een jurk uit wit gespoten triviale voorwerpen, waaronder krulspelden, vliegtuigjes en pistolen.

Door Ans van Berkum

 

Dat brengt meteen haar Tir-werken in herinnering. In de jaren zestig verborg ze zakjes gekleurde verf in reliëfs van zulke wit gespoten verzamelingen, om ze dan vanaf een afstand aan flarden te schieten. Grote platen vol engelen, druiventrossen, kinderstoelen, doodskoppen, Mariabeelden, kruisen en torso’s zoals die van de David van Michelangelo en de Venus van Milo moesten er aan geloven. De kleuren vloeiden als bloed over de vormen. “Weg er mee”, schijnt ze te roepen. De Saint Phalle wilde alles kapotschieten. De maatschappij en al haar onrechtvaardigheden; haar eigen gewelddadigheid en het geweld van de tijd. Alles. Er zijn filmpjes waarin ze dat uitbraakt, haar gezicht vertrokken van woede. Een verblijf in een psychiatrische kliniek in Nice leerde haar dat kunst maken haar goed deed. Geen wonder dat ze dan haar plannen met acteren en model zijn opgeeft om haar kunstenaarschap ten volle te gaan beleven.

 

Uitbreken


Haar leven wordt getekend door een verlangen naar vrijheid. Ze loopt een paar keer weg van school en ze trouwt vroeg om van huis weg te zijn. In de jaren negentig komt ze met het eerste stuk van haar autobiografie, waarin ze vertelt hoe haar vader haar misbruikte. Haar eigen gezin met twee kinderen heeft ze kort voor de Tir periode al verlaten. Dat deed ze om zich helemaal aan de kunst te kunnen wijden, zo gaat het verhaal, al zat er natuurlijk veel meer achter. Een burgerlijk huwelijk zette haar alleen maar gevangen en paste niet bij haar. Ze breekt los en gaat een partnerschap aan met de kunstenaar Jean Tinguely. Ze steunen elkaar en beiden zetten alles in voor hun werk. 

Dan komen de Nana’s; de voluptueuze, springende en dansende poppen die een aanklacht vormen tegen de beperkende vrouwbeelden van haar tijd. Met name tegen de uiterlijke kant daarvan. De hoofden zijn klein, maar de billen en borsten van de wilde Nana’s dansen en deinen vol wellust. Ze vormen de volstrekte tegenpool van haar fysieke zelf. De oudste Nana’s vind ik het mooiste. Ze zijn gemaakt van papier maché om een stevig ijzeren skelet, en gekleed in vodden, kantjes, draad en borduursel. Ze zijn wel buitenmodel, maar niet zo geprononceerd wat betreft de billen  en borsten, en niet zo kleurig en glad gestreken als de latere exemplaren, die al snel de trekken van een lopende band-productie gaan vertonen. De Nana’s worden haar handelsmerk. 

 

Sjamaan


Kleindochter Blum Cardinas is aanwezig bij de opening van de tentoonstelling in Scheveningen en schetst Niki’s persoonlijkheid. Ze was een ‘sorcière’; het Franse woord valt niet helemaal samen met ons woord heks. Een sorcière heeft een magische kant en beschikt over kennis, wijsheid en helende kracht. Opmerkelijk dat de sjamaan die werd geraadpleegd toen De Saint Phalle ernstig ziek was, zich afvroeg hoe hij iets zou kunnen doen voor een zo veel grotere sjamaan dan hijzelf. Niki kon gemeen zijn, vertelt Cardinas en gaf zich onbeschroomd over aan haar minder gezellige impulsen. Ze kon treiteren en pesten en hield van roddelen. Ze kende de donkere kanten van zichzelf en zag geen reden die te verdoezelen. In het menselijk contact acteerde ze ongecensureerd.

Al lijkt haar werk overwegend vrolijk, soms zelfs kinderlijk vrolijk, wie tussen de kleuren doorkijkt ziet een persoon die veel heeft meegemaakt, maar vastbesloten was de wereld troost te schenken. Zelfs haar krokodillen, slangen en draken hebben moeite afschrikwekkend te zijn. Haar grote inspiratiebronnen waren de architect Antoni Gaudi, die een weergaloze parkinrichting schiep met cement en scherven, en Fernand Cheval en Simon Rodia, beide auteur van ongeëvenaarde intuïtieve bouwwerken. Als Niki via een vriend een stuk land in Italië krijgt, zet ze zich met nieuwe energie aan haar laatste droom: de creatie van haar Tarot tuin. De huizenhoge sculpturen daar, zijn gebaseerd op de figuren uit de grote arcana van de Tarot. In de zwarte Keizerin heeft ze jaren gewoond.

 

Haar hele leven brak ze los uit banden en zocht zichzelf.  Ze deed alles om een plaats te veroveren in het door mannen gedomineerde machtsbolwerk van de kunst. Dat lukte. Haar sculpturen staan over de hele wereld en er zijn weinig mensen die zich niet door haar klaterende, zinnelijke werk laten betoveren. Beelden aan Zee geeft nu Nederland de kans zich in haar vreugde onder te dompelen. Laat niemand het missen.  

 

Niki de Saint Phalle, Aan Zee, Museum Beelden aan zee, Scheveningen, 5 oktober 2019 t/m 1 maart 2020, www.beeldenaanzee.nl


Comments