Sculpting Nature

Sculpting Nature: internationale conferentie van sculpture network

Sculpting Nature: land art, eco art, bio art vond plaats in Antwerpen en Brussel van 29 september tot  1 oktober jl. Het was een geweldige bijeenkomst, waar 140 kunstenaars, bemiddelaars en verzamelaars uit 16 Europese landen elkaar ontmoetten. Ze kwamen uit Nederland, België, Groot-Brittannië, Spanje, IJsland, Kroatië, Polen, Zwitserland en Italië. Ze luisterden naar de lezingen, keken naar kunst, legden contacten en wisselden van gedachten over kunst en natuur. “Ik ben blij dat ik gekomen ben. Heerlijk, al die geestverwanten. Eindelijk ben ik geen buitenbeentje meer”, verzuchtte Marina Bauer uit Kroatië. Onderwerp van het symposium was het gebruik van natuur als materiaal in de kunst. Sinds de zestiger jaren werken kunstenaars met natuurlijke materialen in land art, eco art en recentelijk ook bio art. In plaats van de natuur af te beelden, gebruiken ze het materiaal van de natuur zelf, zoals aarde, planten, bomen en recentelijk ook dieren, variërend van koeien, vlinders en bijen tot levende organismen en genetisch materiaal. Het thema natuur spreekt tot de verbeelding.  Al in het voorjaar ontving de organisatie verzoeken van kunstenaars en curatoren - waaronder de New Yorkse eco-expert Linda Weintraub - of ze op de conferentie mochten spreken. Daarom werden er het hele jaar door zogenaamde ‘Dialogues’ over kunst en natuur georganiseerd. Er vonden 30 bijeenkomsten plaats in de verschillende landen. 

Door Anne Berk

Land art, eco art, bio art

De fascinatie met natuur komt niet uit de lucht vallen, zo bleek tijdens de lezingen. Kunstenaars zijn antennes van de samenleving. Ze signaleren ontwikkelingen en brengen ze aan het licht. In deze tijd van klimaatopwarming fungeren kunstenaars als de kanaries in de mijn. We zijn vervreemd van de natuur. Veel land art kunstenaars maken geen objectkunst, maar werken met natuurlijke materialen in ongerepte landschappen. Je kunt het zien als een zoektocht naar onze oorsprong. Door de groei van de bevolking, de stijging van de consumptie en de verstedelijking neemt de vervuiling toe. “Dat kan niet zo doorgaan!” stelde de Club van Rome in hun rapport Grenzen aan de groei in 1972. Tegen die achtergrond ontstond halverwege de jaren zestig de eerste eco art. Anderzijds kunnen we nu spelen met de bouwstenen van het leven. In 2003 werden de letters van het menselijk gnoom voor het eerst in kaart gebracht. We kunnen knutselen met genen. Maar hoever willen we daarmee gaan? In 1997 beweerde kunstenaar Eduardo Gac dat hij een lichtgevend konijn had gekweekt met de genen van een inktvis. Om de discussie aan te zwengelen bedacht hij de bio art.

Lezingendag

De Verbeke Foundation in Antwerpen was gastheer voor de conferentie. Deze unieke kunstruimte van verzamelaar Geert Verbeke, heeft veel weg van een reusachtig atelier. Iedereen keek zijn ogen uit. ‘Zo’n plek heb ik nog nooit gezien!’ zei de bekende Zwitserse kunstenaar  Urs-P. Twellmann. Keynote speakers waren Clive Adams, oprichter en directeur van het Centre for Contemporary Art and the Natural World (CCANW) en land art kunstenaar Nils-Udo. Andere lezingen waren van Sue Spaid, curator en specialist op het gebied van eco art, en de kunstenaars Koen Vanmechelen en Alan Sonfist, die met zijn Timelandscape in New York geldt als de eerste eco kunstenaar. Er waren rondleidingen, waarbij exposanten vertelden over hun werk. Zoro Feigl en Theo Janssen demonstreerden hun bewegende sculpturen. Will Beckers nam het publiek mee naar zijn wilgensculpturen. Jef Faes vertelde over zijn samenwerking met bijen, Stefan Cools over zijn samenspel  met vlinders, Martin uit den Bogaard over zijn onderzoek naar de overgang van leven naar dood met behulp van dode dieren. Judith Collins was onder de indruk. “Daar valt de dode haai van Damien Hirst bij in het niet.” De voormalige curator bij de Tate en bestuurslid van sculpture network kon het weten. Interessant dat Uit den Bogaard eerder was met zijn rottende koeien dan Hirst. Tijdens de lunch presenteerden de leden hun documentatie in Showroom. Men zwermde er als een bijenkorf omheen, en er werd volop genetwerkt. De dag werd besloten met een flitsende show over kunst en natuur van geselecteerde sculpture network-leden, met Iraida Cano, Rainer Fest, Ninette Koning, Catrin Lüthi, Judith Mann, Rob Olins, Bert Schoeren, Urs-P. Twellmann, Linda Verkaaik en Lars Waldemar. 

Randprogramma

Voor het randprogramma werden de deelnemers ontvangen door het Middelheimmuseum in Antwerpen, een van de oudste beeldentuinen met zowel klassieke-moderne als hedendaagse sculpturen. Daarnaast werden een aantal privécollecties in Brussel bezocht, te weten de Vanhaerents Art Collection, met o.a. een toppresentatie van Tomás Saraceno, de bijzondere tuin met land art werken van verzamelaar Mickey Boël en de Boghossian Foundation in de art deco Villa Empain.

Lezingen

Clive Adams beet de spits af met de lezingen. Als curator organiseerde hij sinds 1975 tentoonstellingen met o.a. Richard Long, David Nash, Andy Goldsworthy en Peter Randall-Page. Hij volgde de ontwikkeling van land- en eco art op de voet. Het klimaat verandert, en kunst kan een rol spelen bij de bewustwording van het publiek. Daarom richtten Adams en zijn vrouw Jill het Centre for Contemporary Art and the Natural World op. Het meest recente thema was Soil Culture. CCNAW beheert negen artist-residencies, maakt reizende tentoonstellingen en werkt o.a. samen met de universiteit van Exeter. In 2017 wordt voor het eerst een studierichting Arts- and Ecology gelanceerd. Tip: CCNAW verspreiden een Newsletter over eco kunst, waar geïnteresseerden zich op kunnen abonneren.

Nils Udo begon zijn loopbaan als schilder. Hij werkte in Parijs, maar keerde in 1972 terug naar Beieren. Sindsdien maakt hij tijdelijke installaties in de natuur, met materialen die hij ter plekke vindt. Maar hij heeft ook de kwast weer opgepakt. Zijn werk is verwant aan dat van Andy Goldsworthy, maar Udo kende zijn werk destijds niet. Dingen hangen in de lucht, zogezegd. Udo’s interventies in de natuur in Mexico, India, Namibië en Japan maakten indruk, waaronder zijn bekende nesten, die ons herinneren aan onze oorsprong. “Elk werk komt voort uit mijn ervaring van de natuur,” zei Udo en die woorden kwamen recht uit zijn hart. Udo kreeg een lang applaus.

Alan Sonfist staat te boek als een van de eerste eco-kunstenaars. Sonfist groeide op in de Bronx. Als kind zag hij hoe de bomen van het lokale park werden omgehakt en dat raakte hem diep. Toen hij jaren later in Manhattan een stuk grond braak zag liggen, werd het idee voor Timelandscape geboren. Daarbij draait Sonfist de klok terug naar de tijd voordat New York een stad was. Aan de hand van de beschrijvingen van Nederlandse kolonisten uit de 17de eeuw, deed hij onderzoek naar de oorspronkelijke vegetatie. Vandaag de dag is zijn stadsbos een groene oase in de steenwoestijn. Sonfist heeft vele ecologische kunstprojecten gerealiseerd in verschillende landen, waaronder de VS, Finland, België en Italië.

Koen Vanmechelen werkt met levende dieren en andere media. Hij werd wereldberoemd met zijn Cosmopolitan Chicken Project (CCP), waarvoor hij samenwerkt met genetici. Vanmechelen kruist kippen van verschillende nationale rassen tot de ideale superbastaard, dat de genen van de hele wereld bezit. CCP is een pleidooi voor multiculturalisme, maar ook voor biodiversiteit. Het succes van Vanmechelen is te danken aan de droge humor waarin hij zijn morele boodschap verpakt, door met eindeloos geduld echter dieren te kruisen. Momenteel breidt Vanmechelen zijn onderzoek uit naar andere dieren, zoals kamelen, lama’s, struisvogels en emoes. In 2018 zullen ze een plek krijgen in een voormalige dierentuin in Genk, La Biomista.

Sue Spaid is curator en publicist en gespecialiseerd in eco kunst. In 2002 cureerde ze met Amy Lipton de tentoonstelling Ecovention: Current Art to Transform Ecologies, in het Contemporary Arts Center in Cincinnati, VS. Ze bedachten de term ‘ecovention’, een samentrekking van ecologisch en invention, om aan te geven dat kunstenaars niet alleen oplossingen voor ecologische problemen bedachten, maar ze ook in de praktijk brachten. De tentoonstelling riep ook kritische reacties op. Sommigen vonden hem te wetenschappelijk. Anderen hadden moeite met het idee dat kunst dienstbaar moest zijn. Verder was het de eerste tentoonstelling waarin men zich rekenschap gaf van de conserveringsaspecten van eco art.

Sculpture network

Sculpture network werd in 2004 opgericht, en telt nu meer dan 1000 leden in 40 landen. Inspirerend voorbeeld was het Amerikaanse International Sculpture Centre (ISC). De Duitse kunstenaar Hartmut Stielow zat in het bestuur van ISC, maar betreurde het dat de activiteiten zich vooral in de VS afspeelden. Zo’n organisatie moest er ook in Europa komen. In deze wens werd hij gesteund door Ralf Kirberg, voormalig vastgoedmanager, tegenwoordig Chairman van sculpture network in München, die deze Europese non-profit organisatie van de grond heeft getild, en financieel mede ondersteunt.

www.sculpture-network.org 

www.sculpture-network.org/en/home/our-events/international-forum/xiv-international-forum-2016.html


Comments