Tanja Smeets

Tanja Smeets 

Terrarium

 

Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden biedt al jaren kunstenaars de gelegenheid om de resultaten van hun verblijf in het Europees Keramisch Werkcentrum ten toon te stellen (EKWC@Princessehof). Dit keer is het de beurt aan Tanja Smeets, een veelzijdige kunstenares die enthousiast en eigenzinnig met klei experimenteert. In de zaal-vullende installatie Terrarium combineert ze allerlei onorthodoxe, keramische vormen met alledaagse materialen. Door de bijzondere rangschikking en het viltachtige glazuur oogt het geheel als een geheimzinnig landschap dat associaties oproept met het verborgen leven op de zeebodem.

 

Door Jet van der Sluis


Tanja Smeets deed de Academie in Arnhem en studeerde af in schilderkunst. Al gauw ontdekte ze dat ze het effect van haar werk binnen de context van een ruimte interessanter vond dan het schilderen alleen. Haar schilderijen kregen sculpturale uitstulpingen en gaandeweg ontstond een fascinatie voor organische groeivormen die een bestaande ruimte veranderen en soms zelfs overwoekeren. 

Aanvankelijk werkte ze vooral met materiaal dat gewoon voorhanden was, zoals de merkwaardige ‘afstandhouders’ die in de bouw gebruikt worden om de wapening van gietbeton op haar plaats te houden. Van deze houders van kunststof, met hun toevallige bloemstructuur, maakte ze prachtige objecten die als een soort zwam uitdijen en zo de ruimte in bezit nemen. In de vaste opstelling van de Anningahof , het beeldenpark bij Zwolle, is te zien hoe een boom door deze kunstmatige ‘klimop’ wordt getransformeerd. 

Voor de opdracht voor een gevelsteen moest ze zich in de technische aspecten van keramiek gaan verdiepen en via de expertise van Structuur 68 in Den Haag, later gevolgd door meerdere periodes in het EKWC, heeft ze zich het werken met keramiek eigen gemaakt. Ook binnen deze discipline gaat ze eigenzinnig haar weg en kiest ze voor ongebruikelijke materialen. Zo perste ze bijvoorbeeld porselein door de openingen van een oosterse draadzeef die normaliter gebruikt wordt tijdens het wokken. Hierdoor ontstonden steeds verschillende ‘baksels’: bolle, witte vormen die doen denken aan grote paddenstoelen, maar ook wel aan kwalachtige diepzeewezens. Toen ze deze vervolgens met elkaar verbond, leidde dit tot beelden en installaties die sterk aan groeiprocessen deden denken. 

 

Wonderlijk mooi


Ook de donkere installatie in Leeuwarden associeer je met een geheimzinnige vorm van vegetatie die ter plekke is ontstaan. Het ‘hoofdbeeld’ slingert zich als een koraalrif door de zaal: vanaf de bodem richten zich verticale ‘stammen’ op van gebakken klei. De huid van deze keramische zuilen heeft Smeets voorzien van subtiele insnijdingen en een zwart gemoffeld glazuur. Ze zijn ‘begroeid’ met vormen die met behulp van laser uit zwart vilt zijn gesneden. Door het spannende glazuur dat ze ontwikkelde, versmelten de twee materialen met elkaar en zie je nauwelijks waar het aardewerk over gaat in de stof.

Ondanks de organische uitstraling van het geheel, maakt Smeets ook hier gebruik van allerlei bestaande gebruiksartikelen uit de wereld van de bouwmarkt. Zo blijkt het uitgangspunt van het geïsoleerde, gestapelde vloerbeeld, links van het hoofdbeeld, een kunststof ventilator te zijn. Doordat ze deze basisvorm vergroot en verkleint en bovenal ‘reproduceert’ in keramiek, vervreemdt ze het object van zijn functie: al onze aandacht gaat naar de vormgeving ervan. Door het donkere, roestbruine glazuur sluit deze wonderlijke stapeling toch naadloos aan bij het centrale deel van de installatie.

 

Donkere woekering


Het grondoppervlak van dit vervreemdende landschap wordt gedomineerd door een veelzijdig zwart, gecombineerd met donkere aarde- en roesttinten. We zien er kwabachtige vormen die doen denken aan hersenen, gestolde, keramische knikkers die samengeklonterd zijn in een gaasstructuur en clusters metalen pennen die een lint lijken te vormen. Wat vooral opvalt en verbindt, is de rijkdom aan kleurnuances in dit toch overwegend donkere beeld. In haar glazuren varieert Smeets met donkergrijs, antraciet en zwart, waarbinnen ze een veelheid aan nuances weet te bereiken. Zelfs de metalen onderdelen vertonen allerlei kleurvarianten door de verschillende gradaties van roestvorming.

Vanuit het centrum van de installatie reikt een ‘groeisel’ naar het schuine plafond en overwoekert dit gedeeltelijk. Een latente dreiging die onderstreept wordt door de twee wandreliëfs. Het kleinste, ronde wandbeeld is een soort samenvatting van het geheel: alle gebruikte materialen, kleuren en vormen uit de installatie komen er in voor. Het grotere reliëf lijkt - in lobbige kwabben - op te bollen uit de achterwand. Het bestaat helemaal uit de zwarte, rubberen ringen die we ook her en der in het beeld op de grond tegenkomen.

Met haar inventieve materiaalgebruik verwijst Smeets ontegenzeglijk naar onze ongebreidelde honger naar steeds meer kunststoffen. Naast de betoverende esthetiek belichaamt Terrarium ook een ecologische waarschuwing: de ‘echte’ natuur dreigt immers uit ons zicht te verdwijnen.

 

Tanja Smeets, Terrarium, Princessehof, Leeuwarden, 23 november 2019 t/m 3 mei 2020,

www.princessehof.nl

 

Comments