W139

W139

40-jarig jubileum

 

Na jaren ben ik weer terug in de Warmoesstraat, één van de oudste straten van Amsterdam. De naam is afgeleid van warmoezerijen, oftewel de handel in groenten. Het was de straat met de grootste huizen waar in de middeleeuwen de rijkste burgers van Amsterdam woonden. De geschiedenis van nummer 139 begint rond 1550, een diep huis van welgestelden dat later verschillende aanvullingen en verbouwingen onderging. Na de aanleg van de grachtengordel verhuisden de rijken daarheen en werd de straat dé winkelstraat en vestigden zich er handelsfirma's. In de negentiende eeuw speelde het gebouw een belangrijke rol in de geschiedenis van de effectenhandel in Amsterdam en bood tussentijds en nadien ook onderdak aan een verscheidenheid aan populair volksvermaak. Zo kwam medio 19e eeuw de Sociëteit De Vereeniging oftewel de Aannemers-Sociëteit in het pand. Eind 19e eeuw huurde een theateronderneming het complex, die naam ‘De Vereeniging’ handhaafde, om volkstheater, kleine operettes en vaudevilles te presenteren. ‘De Vereeniging’ werd het populairste theater van de stad. Na een tijdje weggeweest te zijn werd begin twintigste eeuw het gebouw wederom door ‘Théater De Vereeniging’ betrokken met o.a. het Cabaret Bonbonnière, Het Palais de Danse, vervolgens in 1916 de Amsterdamse Folies-Bergère en aan het einde van de reeks was er de Kleine Club gevestigd. Toen was het over! Het pand werd eigendom van de Bijenkorf en werd een opslagruimte.

Inmiddels is het pand een Rijksmonument bestaand uit een ruime zaal met toneeltoren (inmiddels verbouwd tot appartementen). Het is vervolgens vele jaren rustig in de Warmoesstraat.  

 

Door Marijke Jansen

 

De Warmoesstraat gelegen in de rosse buurt (wat van de gemeente Amsterdam niet meer zo genoemd mag worden maar de rode lampjes in de stegen en op de wallen branden nog steeds), was in de jaren 70 en 80 het centrum van hoerenloperij, drugshandel en geweld. 

Na het eindexamen aan de Rietveld toerden vijf jonge kunstenaars door Europa maar terug in Amsterdam wilden zij een ​​locatie hebben om hun werk te tonen, naast de ambitie een vorm van ​​tegencultuur te initiëren in Amsterdam. Het moest een beweging zijn tegen de gesloten wereld van de commerciële kunst en musea, omdat, in hun optiek, zij niet of nauwelijks aan bod kwamen in die andere kunstwereld. 

In het najaar van 1979 kraakten deze vijf het pand aan de Warmoesstraat 139 en startte een initiatief om met elkaar en vervolgens met anderen tentoonstellingen te maken. Guus van der Werf, Marianne Kronenberg, Martha Crijns, Reinout Weydom en Ad de Jong realiseerden uiteindelijk Stichting W139.  

Elk weekend was er een opening, een feest, een vrijplaats voor van alles, voor experiment en voor risico. Hoe ging men te werk? Een kunstenaar kreeg de sleutel en kon aan de slag. 

December 1980/januari 1981 vond de eerste groepstentoonstelling plaats, veel bezoek was er in het begin niet, maar de expositie werd genoemd in de krant en dat was al heel wat. Amsterdam had een rijk cultureel leven, je kon naar zoveel openingen en manifestaties en vele wilden in die jaren ook ‘gezien’ worden bij Aorta. 

Zo rond 1990 werd W139 wat gestructureerder, was er een directeur, een bestuur. Ad de Jong werd de eerste directeur. Hij wist de juiste mensen aan te trekken en ontwikkelde de basisideeën, om te voorkomen dat anderen invloed zouden uitoefenen. Om deze autonome plek voor altijd te behouden voor de stichting en voor Amsterdam kwam het gebouw uiteindelijk in het bezit van de stichting. 

Elke vier jaar werd een directeur benoemd tot 2012 toen een steeds veranderende groep kunstenaars de tentoonstellingen ging organiseren. Zo bleef het fris en fruitig. 

 

W139 nog steeds springlevend


In 2007 was het pand na een renovatie gereed voor een volgende fase. Naast expositieruimte in de voormalige theaterzaal, bevat het complex kantoren en nog een kleine expo-ruimte de Polar Room.   

In de loop van 40 jaar is W139 geëvolueerd van een anti-establishment kraakpand naar een professioneel niet-institutioneel platform voor hedendaagse kunst. Nederlandse en internationale kunstenaars, op uitnodiging, kunnen een ​​nieuw (locatie-specifiek) werk maken. W139 biedt ‘ruimte voor risico’ en vervult daarmee een unieke rol in de Nederlandse kunstwereld.

Naast beeldende kunst is er plaats voor debat over kunst in de breedste zin van het woord.

Het 40-jarig jubileum wordt gevierd met een aantal jubileumtentoonstellingen, waarvan Ampersands de tweede is. 

W139 wil de jongste generatie(s) kunstenaars inspireren en daarnaast hun zelfwerkzaamheid vergroten en daarmee een zo groot en productief mogelijk kunstzinnig draagvlak voor kunstenaars en hun werk creëren. Hiervoor is ‘Circle 139’ opgezet en wordt jaarlijks een terugkerende ontmoeting met kunstenaars georganiseerd. 

 

De afgelopen jaren waren er ambities die waar gemaakt moesten worden, zoals voorbeeld stellend, zelfvoorzienend en inspirerend. Om dat te bereiken werd aan de kunstenaars gevraagd het publiek meer onderdeel en participerend onderdeel van hun werk te laten zijn. Of ik dat heb teruggezien is de vraag. 

Maar W139 is altijd een door kunstenaars geleid productie- en presentatie-instituut geweest het centrum van experiment dat risico’s niet uit de weg gaat. W139 is nog steeds springlevend, mede door de opzet van de dagelijkse leiding en de initiatiefnemers voor de tentoonstellingen, ondanks de martelende bezuinigingen van Rijk en de gemeente en de eis telkens voor een volgend kunstenplan weer met iets nieuws te komen. Ook W139 moeten alle zeilen bijzetten om door subsidieverstrekkers gezien te worden als een belangrijke cultuurader in de stad en in Nederland. 

 

Minder subsidie, dan krachten bundelen 


In het gesprek met Esther de Graaf, een van de initiatiefnemers van deze jubileumexpositie, de ochtend na de opening, kwam duidelijk naar voren dat de subsidiestromen telkens meer afgeknepen worden en de enige mogelijkheid om tentoonstellingen tot stand te brengen de samenwerking is. Met elkaar kan je wel tot iets komen, maar het blijft een voortdurende strijd. 

Meer dan 1.000 mensen hebben de openingsavond van Ampersands bezocht. Op een gegeven moment moest de deur worden gesloten omdat het te vol werd. Met zoveel bezoek blijkt dat W139 nog steeds een grote aantrekkingskracht heeft. Naast de 20 werken die er nu te zien zijn, zullen tot 12 januari 2020 nog vele performances plaatsvinden alsmede zal ‘Stampa’, de actuele kunsttalkshow in W139 voor, met en over kunstenaars, plaatsvinden. 

De wanden vormen ook een onderdeel van deze tentoonstelling, deze zijn in aarde kleuren geschilderd met leem waardoor er een warm gevoel ontstaat. 

Opvallend in de immense ruimte van W139 zijn de twee grote muurwerken, de kleurrijke muurschilderingen van Sam Samiee die de gehele muur bestrijkt. Samiee onderzoekt de westerse schilderkunst, filosofie en psychoanalyse in combinatie met zijn rijke Perzische achtergrond.

 

Wordt in dit The three awkward handlings of phallocentric promises verwezen naar een woord gebruikt door Jacques Derrida? Nee ik zat ernaast, er zit een geheel andere gedachte achter. 

Ter gelegenheid van het 40-jarig jubileum maakte Sam Samiee een storeyboard (meer dan een muurschildering) met drie details uit drie miniaturen uit de Perzische geschiedenis. Samiee herkende hierin de drie handelingen van fallocentrische beloften: de goddelijke belofte, de patriarchale belofte en de industriële belofte. Het gaat om de miniatuur waarin het werk van Khamsa van Nezami (12e eeuwse Sunni dichter) waarin de dienstmaagd het portret van koning Khosrow aan Shirin, de Armeense prinses aanbiedt (in het midden van het beeld), vervolgens is rechtsboven een detail te zien uit een 14e eeuws miniatuur waarin de engel Gabriel de verovering van de stad Constantinopel voorspelt en linksboven is een detail uit de La Récupération de la plus-value, van de Fransman Pierre Klossowski opgenomen. De deelnemende kunstenaars aan Ampersands ervaren dezelfde onhandigheid die deze drie figuren ervaren.

Vóór dit storyboard hangen twee andere werken links op de foto het werk van Oscar Peters, Orbit en rechts het nieuwste werk van Esther de Graaf dat op twee punten is vastgemaakt aan touwen en uitsluitend beweegt op de luchtverplaatsing als er in de buurt gelopen wordt maar telkens weer terugkeert naar zijn rustpunt. 

 

Het andere grote werk is van Marcel van den Berg, hij heeft een muur behangen met kleinere schilderingen en vervolgt deze weg voor een deel op de lange muur ernaast. Als geheel is As nasty as they wanna be indrukwekkend, zeker tegen de zwart glimmende vloer aan, maar stuk voor stuk zijn de schilderstukken ook zeer de moeite waard qua kleurgebruik. 

Tegenover elkaar zijn de werken van Samiee en Van der Berg indrukwekkend te noemen.

Voor het werk van Van der Berg hangen de blauwe elementen Buoys van Laura Grimm en de grijzen dozen van Kees Bouvé & the BambooBoys.

Tegenover elkaar zijn de werken van Samiee en Van der Berg indrukwekkend te noemen mede door de hoogte van deze voormalige theaterzaal. Om meer kunstenaars nog even een bescheiden podium te bieden noem ik ook het blauwe element ‘buoys’ van Laura Grimm en de grijze dozen van Kees Bouvé & the BambooBoys. 

Twee van de initiatiefnemers van Ampersands, links Esther de Graaf en rechts Nadia Benchagra, zitten (met toestemming) op het entreebeeld dat  uit verschillende onderdelen. Dit kunstwerk van Bert Jacobs, Chun-Han Chiang en Dave Fransz is getiteld Bouwsels/Stations.  

W139 gaat verder, ook na medio januari als er een volgende tentoonstelling in het kader van het jubileum wordt geopend. W139 kijkt dus niet terug naar richt de blik op het nu en de toekomst.

 

W139, Amsterdam, Ampersands, 22 november 2019 t/m 12 januari 2020, www.w139.nl

 

 

Comments