Wilhelminaring 2015: Auke de Vries

Auke de Vries, schepper van ruimte

Op zondag 30 augustus jongstleden ontving Auke de Vries in het CODA Museum in Apeldoorn de Wilhelminaring 2015. Deze belangrijke prijs die tweejaarlijks wordt uitgereikt, krijgt De Vries voor zijn hele oeuvre en vanwege zijn grote betekenis voor de Nederlandse beeldhouwkunst. Is de keuze van de jury misschien niet erg verrassend, hij is volkomen terecht. Er zijn maar weinig Nederlandse kunstenaars van wie gezegd kan worden dat hun werk  opgenomen is in talloze museale collecties terwijl het daarnaast sterk vertegenwoordigd is in de publieke ruimte, zowel nationaal als internationaal. Het juryrapport hierover: “Zijn oeuvre is groot, niet alleen in formaat maar ook in hoeveelheid en verscheidenheid, terwijl de beelden onmiskenbaar maar door één kunstenaar kunnen zijn gemaakt. De nerveuze tekenlijnen, volumes en balanceerkunsten maken de Vries’ beelden enig in hun soort en nauwelijks navolgbaar.”

Door Peke Hofman

Al ruim veertig jaar heeft Auke de Vries met zijn werk een belangrijke stempel gedrukt op de Nederlandse beeldende kunst. Tussen alle stromingen, modes, hypes en trends door ontwikkelde hij zijn eigen beeldtaal, niet gehinderd door opdrachtgevers of klanten die bepaalde eisen stellen of verwachtingen koesteren. Deze kunstenaar neemt zijn tijd, laat de kunstwerken groeien, zowel in zijn hoofd als fysiek in de ruimte. Het is zo grappig: er zijn maar weinig kunstenaars waar het verschil tussen werk gemaakt in opdracht en het eigen autonome werk volledig verdwenen is. Van Istanbul tot Leipzig, van Berlijn tot Den Haag: Auke de Vries manifesteert zich op zijn eigen onverwachte wijze. Natuurlijk zijn er invloeden, associaties en vergelijkingen mogelijk. De speelsheid van Tinguely, de beweeglijkheid en balans van Calder en de attitude van Carel Visser. Blijft staan dat Auke de Vries - eigenwijs, bescheiden en overtuigend - zijn eigen plaats in de kunstgeschiedenis al lang veroverd heeft. “Ik vertel geen verhalen” vertelt hij, niets is van te voren verzonnen, dingen dringen zich op en Auke de Vries reageert intuïtief. Wat hij doet is het samensmeden van elementen. Dit proces is het avontuur, er is de spanning van het zoeken. Ook als het kunstwerk klaar is zien we de sporen nog van het knippen, scheuren, lassen en monteren van de vormen. 

Ruimte

De eerste keer dat ik bewust geconfronteerd werd met een indrukwekkend beeld van Auke de Vries was in 1993 in Barcelona. Bij het voormalig Olympisch dorp staan vier metershoge stalen figuren die samen een soort luchttekening vormen, weerspiegeld door water. Toeval of niet, in dezelfde stad werkte ik met een Engelse architect die bij het paviljoen van Mies van de Rohe tegen studenten zei: “Architecture is about creating space”. Precies dat is wat ik voel bij de kunst van Auke de Vries. Door zijn ruimtelijke 'tekeningen' ontstaan in het niets nieuwe vormen, volumes en ruimtes. Auke de Vries ziet ruimte dan ook als zijn materiaal. De vormen die hij bouwt van ijzer of andere materialen zijn net zo belangrijk als de vormen die zij omsluiten, begrenzen, aanraken of suggereren. De Vries heeft zelf een prachtige metafoor in dit verband: hij definieert ruimte als water voor een vis, schier oneindig en dat nodigt uit tot doorsnijding. Zoals een vis zijn weg zoekt door het water, lijken zijn beelden de lucht, de ruimte in te groeien.

Balans

Kenmerkend voor het werk van De Vries is de wijze waarop vormen en lijnen zich aaneenrijgen. Heel anders dan bij constructivistische kunst waarbij stapeling, gewicht, evenwicht en opbouw een bepaalde logica bevatten, lijkt het bij deze kunstenaar eerder deconstructivistisch; soms lijken de werken eerder uiteen te vallen, te bezwijken, in te zakken of te verbuigen. Jean Leering beschrijft het mooi in een catalogus die een expositie in Wiesbaden begeleidde. Daarin geeft hij aan dat, hoewel de beeldtaal abstract is, er wel degelijk verwijzingen zijn naar menselijke actie, menselijke houdingen. De kunstwerken zijn doorspekt met basale elementen als staan, leunen, hangen, liggen, buigen, hurken, etc. Het werk 'schuurt' als het ware, omdat de opbouw niet logisch is of zelfs bijna onvoorstelbaar. Al even afwezig lijkt de zwaartekracht vanuit de aarde onder zijn werk. Alsof je ongestraft alles mag combineren, aan elkaar lassen en op elkaar stapelen.



Comments